![]() |
| Het mannetje heeft een zwarte snavel |
zondag 12 april 2015
IJsvogeltjes blij met kwakkelwinter
zaterdag 4 april 2015
Lenteklokjes doen het goed op landgoed Dordwijk
Dordrecht
![]() |
| Landgoed Dordwijk |
Onlangs weer eens terug geweest naar het fraaie landgoed Dordwijk in Dordrecht, waar we in 2008 een paar duizend lenteklokjes hadden aangeplant. Lenteklokjes, behorende tot de stinzenplanten, slaan soms lastig aan. Het was dan ook wel fraai om de vele bolgewasjes in bloei te zien staan. Naast de 'pas' aangeplante soorten, groeien op het landgoed vooral veel winterakonieten en gewone en gevulde sneeuwklokjes.
![]() |
| Lenteklokjes zijn één van de vroegst bloeiende planten in Nederand. Ze tonen hun groen gepunte, witte kroontjes al in februari. |
![]() |
| Gevuld sneeuwklokje en winterakoniet op Dordwijk |
![]() |
| Boerenkrokus (Crocus tommasinianus) en Oosterse sterhyacint (Scilla syberica) |
maandag 16 maart 2015
Stinzentocht op landgoed Elswout
Overveen
Onder de rook van Haarlem, tegen de duinen van Bloemendaal,
ligt het fraaie landgoed Elswout. Het 85 ha grote gebied is eigendom van
Staatsbosbeheer en herbergt een grote rijkdom aan stinzenplanten.
Soorten die er voorkomen (pdf) zijn onder andere de bosanemoon, blauwe
anemoon, daslook en winterakoniet.
![]() |
| Landgoed Elswout |
Sneeuwklokjes
Op Elswout komen verschillende sneeuwklokjessoorten voor. Tijdens de stinzentocht stuitten we op 3 soorten
Dubbel sneeuwklokje - Galanthus ‘Flore pleno’
Deze cultivar wordt al sinds 1703 gekweekt en begint iets
later met bloeien dan de start van de bloei van het gewone sneeuwklokje. Ze
valt op afstand net iets meer op door haar forsheid van de witte ‘hoepelrok’.
![]() |
links: Galanthus 'Flore Pleno'
rechts: Galanthus nivalis
|
Sneeuwklokje – Galanthus nivalis
Sneeuwklokjes zijn inheems in Centraal en Zuid Europa en ze
werd al eeuwen geleden naar Nederland gehaald om kloostertuinen en landgoederen
op te vrolijken. Over het sneeuwklokje werd mogelijk voor het eerst geschreven
in de 4e eeuw voor Christus. Toen nog aangeduid als Leucoion – witte
viool. Er werden echter meerdere planten met deze naam aangeduid. In de 16e
eeuw verschenen door de boekdrukkunst de eerste afbeeldingen van het
sneeuwklokje en werd toen soms ook wel Narcissus genoemd. De Zweedse botanicus
Linnaeus (1707-1778) maakte hier korte metten mee en bedacht de soort Galanthus
nivalis. Leucoion werd door hem toegekend aan het lenteklokje en zomerklokje,
onder de naam Leucojum. De naam Galanthus nivalis is afkomstig van het Grieks:
gala (melk) en anthos (bloem) en het Latijs: nivalis (in de sneeuw bloeiend of
sneeuwwit).
Glanzend sneeuwklokje – Galanthus woronowii
![]() |
| Galanthus woronowii |
Galanthus woronowii werd in 1935 door een Russische
botanicus gevonden. De naam is afkomstig van een Georgische plantenverzamelaar,
genaamd Woronow. Oorspronkelijk komt dit plantje uit Georgië, Rusland en
Turkije en hoewel ze zich goed vermeerdert, wordt ze uit bepaalde landen in
grote aantallen uit het wild gehaald om aan de vraag te kunnen voldoen.
Galanthus woronowii lijkt op de Galanthus ikarae. De eerstgenoemde heeft echter
(licht)groen blad en is de groene vlek op de bloem minder dan de helft van het
binnenste bloemblad. De ikarae heeft donkergroen blad en beslaat de groene vlek
van de bloem minimaal de helft van het binnenste bloemblad.
Winterakoniet – Eranthis hyemalis
Al gedurende de winter steekt de winterakoniet haar kopje op
en als de zon schijnt, ontvouwt ze haar glanzend gele bloempjes. Oorspronkelijk
komt ze uit de Zuid-Europese bergstreken en groeit ze daar in loofbossen. In
Nederland wordt ze sinds de 17e eeuw vermeld. Bij ons is ze
oorspronkelijk aangeplant op landgoederen en in kloostertuinen. Eranthus hyemalis
komt uit het Grieks: er (voorjaar), anthos (bloem) en hyemalis (in de winter
bloeiend).
![]() |
| linksboven/rechtsonder: winterakoniet linksonder en rechts: diverse krokus-cultivars. |
Krokus
Op Elswout komen verschillende krokussoorten voor. Hier
afgebeeld staat een cultivar van de bonte krokus (Crocus vernus) en een
gecultiveerde gele krokus.
zaterdag 28 februari 2015
Niet elk sneeuwklokje is gelijk
Utrecht
Als de eerste sneeuwklokjes de kop opsteken, komt er weer kleur in de natuur. De dagen gaan lengen en iedereen lijkt uit hun winterslaap te komen om goed gemutst de nieuwe dag te begroeten. Niet voor niets werd dit bolgewasje al vanaf de middeleeuwen vanuit zuidelijker Europa naar Nederland gehaald om landgoederen en kloostertuinen op te vrolijken. Ze is dan ook echt een stinzenplant.
Zee van sneeuwklokjes op Nieuw Amelisweerd in Bunnik
Niet elk sneeuwklokje is hetzelfde. Er bestaan 20 soorten wilde sneeuwklokjes die binnen hun soort ook weer kleine afwijkingen kunnen hebben. Daarnaast zijn er honderden cultivars. In Nederland komt het gewone sneeuwklokje (Galanthus nivalis) het meeste voor. Daarnaast is de in 1731 in cultuur gebrachte dubbelbloemige variant Galanthus nivalis 'Flore Pleno' ook op veel landgoederen te vinden.
Galanthus nivalis 'Flore Pleno' (boven) en het gewone sneeuwklokje (G. nivalis)
bloeien rijkelijk op landgoed Oostbroek in de Bilt.
Minder algemene soorten die je op landgoederen kunt treffen zijn oa het in pollen groeiende groot sneeuwklokje (Galanthus elwesii) met haar brede, blauwgroene bladeren en forse bloemen en het glanzend sneeuwklokje (Galanthus woronowii) met haar lichtgroene, glanzende bladeren.
Boven:
Groot sneeuwklokje (Galanthus elwesii var. monostrictus) op landgoed Sandwijck in de Bilt
Onder:
Glanzend sneeuwklokje (Galanthus woronowii) in de sneeuwklokjeslaan op
Nieuw Amelisweerd in Bunnik
maandag 16 februari 2015
Struinen over Oud Groevenbeek en landgoed Staverden
Onlangs gefotografeerd en een wandelroute gelopen op landgoed Staverden te Gelderland. Een schitterende buitenplaats die bekend staat om haar witte pauwen.
Daarna de wandelroute Oud Groevenbeek aangedaan. Dit landgoed beschikte over haar eigen watertoren.
zaterdag 24 januari 2015
Mammoetbomen in Nederland; Reusachtige pubers
Eén van de meest indrukwekkendste boomsoorten van Nederland
is toch wel de mammoetboom (Sequoiadendron giganteum). Bij ontdekking in de 1852
tijdens de Goldrush werd de soort vanuit Californië naar Europa gehaald om
landgoederen, parken en privétuinen te verfraaien. De bijzondere boom deed het
prima als sierelement in de in opmars komende Engelse landschapsstijl. Vergeleken
met de duizenden jaren oude General Sherman in
het Sequioa National Park te Californië, met een stamomtrek van ruim 31 meter
en een hoogte van 83,8 meter zijn onze huidige mammoetjes nog maar pubers.
![]() |
| Landgoed Rhederoord |
Toch kun je ook in Nederland genieten van reusachtige
formaten. Op landgoed Rhederoord in het plaatsje
De Steeg – nabij Arnhem – staan er meerdere van ongeveer 40 meter hoog. De
dikste mammoetboom van dit landgoed heeft een stamomtrek van 6,8 meter.
![]() |
| Mammoetbomen landgoed Rhederoord |
In Europa werd de mammoetboom als eerste in het Verenigd
Koninkrijk aangeplant en hier zijn dan ook de grootste (meer dan 54 meter hoog)
en dikste (tot meer dan 11 meter stamomtrek) exemplaren te vinden. De botanische tuin van Benmore in Schotland herbergt een schitterende mammoetlaan met 49 bomen
van ongeveer 52 meter hoog. Respect voor deze pubers!
Benmore Botanic Garden
maandag 17 november 2014
Grijze zeehond heeft er genoeg van
Brouwersdam
Een aantal grijze zeehonden deden zich tegoed aan een vette paling. Ze werden echter telkens lastig gevallen door tientallen meeuwen die ook een maaltje vis naar binnen wilden werken. Eén zeehond had er zó genoeg van, dat hij een meter uit het water opdook en in de richting van de meeuwen hapte. Heel even konden de zeehonden in alle rust genieten van hun maaltje en toen begon alles weer van voren af aan.
zondag 16 november 2014
Dwalen over landgoed Gorp en Roovert
Vlak bij Hilvarenbeek, tegen de Belgische grens, ligt het 1200 ha grote landgoed Gorp en Roovert. Het is een afwisselend natuurgebied met bossen, vennen, cultuurland en heide. Dwars door het gebied stroomt het beekje Rovertse Leij, waar je het ijsvogeltje kunt spotten. Het is een heerlijk gebied om rond te dwalen.
![]() |
| Het neogotische jachthuis wordt ook wel Paradijske genoemd In het bos groeiden pijpknotszwammen (Macrotyphula fistulosa) |
![]() |
| Hazenpootje - Coprinus lagopus |
De fraaie Gargano – 22 t/m 30 april 2014
Gargano
(voor fotovergrotingen klik op afbeeldingen op kingfisher's weblog)
Op naar de Gargano
Dinsdag 22 april was het zover. De vliegreis over de Mont Blanc via Milaan naar Bari verliep voorspoedig. In Bari een huurauto opgepikt om via de binnenlanden van Italië naar Monte Sant’Angelo te rijden. Monte Sant’Angelo is een bergdorpje dat via haarspeldbochten te bereiken is. Ik verbleef in het Palace Hotel San Michele, een eenvoudig maar goed hotel met een schitterend uitzicht over het lage land en de zee en op steenworp afstand van een fraai kasteel.
Het dorpje kent vele hoogteverschillen die je via trappetjes kunt overbruggen. Het geheel doet wat te heet gewassen en gekrompen aan; de paadjes zijn erg smal en ook de ingangen van winkeltjes en restaurantjes zijn nauwelijks breder dan de buitendeur. Als Nederlander was ik een bijzondere attractie voor de plaatselijke pizzeria. Het personeel dook over elkaar heen om te horen wat ik in zo’n afgelegen gebied te zoeken had.
Roadtrips
Dagelijks trok ik er met de auto opuit om de Gargano te ontdekken. Leidraad was grotendeels een reisbeschrijving over vindplaatsen van orchideeën. De onbegrijpelijke kaart probeerde zo goed mogelijk over te brengen op een gedetailleerde streekkaart en in de Tomtom. Op de meest afgelegen plaats en in de stromende regen kreeg ik natuurlijk een lekke band. De tyraps van de velgen heb ik met een stuk oud ijzer doorgesneden en uiteindelijk de reservewiel eronder gezet. De volgende dag op zoek gegaan naar een garage voor een nieuwe band. Ook dit was een hele onderneming, want in de bergdorpjes waren nauwelijks garages te vinden, sprak de bevolking geen fluit Engels en hadden ze nergens de juiste soort band. Uiteindelijk kon ik ergens een tweedehandse op de kop tikken.
Toch kon dit de pret niet drukken. Wat een adembenemend mooie omgeving, een immense uitgestrektheid en wat een weelde aan orchideeën!
Foresta Umbra
Eindelijk brak de zon door. Met de auto naar Foresta Umbra gereden. Langs de weg en in de heuvelachtige weiden naar het bos groeiden duizenden orchideeën. Het bladerdek van de eeuwenoude oerbomen met de enkeldikke klimoplianen was zó dicht, dat de temperatuur in het bos gemiddeld zo’n 7 graden lager was dan daarbuiten. Hier stuitte ik op enkele grijswitte orchideeën; het vogelnestje!
Torre di Porticello
Langs de kust van de Gargano staan tientallen eeuwenoude verdedigingstorens. De meeste liggen erg afgelegen en zijn nauwelijks toegankelijk. Ik heb onder andere deze fraaie Torre di Porticello bezocht. De lucht was bezwangerd met een zoete, kruidige geur en getooid met het getjilp van tientallen bijeneters. Enkele zandhagedissen lagen languit op de rotsen te zonnen.
Trabucco; visplatvorm
Een trabucco is een groot houten platvorm dat gebruikt wordt om mee te vissen. Oorspronkelijk werden ze gebouwd door oude vissers om zelf niet meer de woeste zee op te gaan. Aan het platvorm worden netten gehangen die middels een ingenieus systeem boven water worden getild.
Velden vol orchideeën
links: Orchis purpurea – Purperorchis
midden: Orchis morio – Harlekijntje
Rechts: Dactylorhiza romana – Romeinse orchis
midden: Orchis morio – Harlekijntje
Rechts: Dactylorhiza romana – Romeinse orchis
Ophrys lutea species
Van de gele ophryssen bestaan een aantal erg op elkaar gelijkende ondersoorten, die ook in de Gargano voor komen. Ik kwam ze veelal tegen in wegbermen en in open bossen op stenig substraat.
links: Ophrys tenthredinifera – wolzweverophrys
midden: Aceras anthopophorum – poppenorchis
Rechts: Ophrys lutea spec. – gele ophrys
Aan al het goede komt een eind. Ik liet de Gargano met haar schitterende berglandschappen, sprookjesachtige bossen, haar ontelbare orchideeën en haar in gebrekkig en onbegrijpelijk Engels sprekende bevolking achter me. Met behulp van de Tomtom reed ik via landweggetjes door kruidige olijfboomgaarden en wijngaarden op weg naar het vliegveld in Bari. De doorgaande weg naar de afgelegen car rental was afgesloten, waardoor ik telkens weer op een doodlopend stuk uitkwam. Dan maar keren op de snelweg en eindelijk bereikte ik het verhuurbedrijf en werd ik met een shuttlebus op het vliegveld afgezet. Daar was het een gehaast om in te checken en moest ik uiteindelijk mijn 1-poot statief inleveren omdat dit als wapen kon worden gebruikt. Bij de overstap op Milaan werd ik gefouilleerd en namen ze met een doekje een zweettest af, om op drugs te controleren. De reis verliep verder voorspoedig. Het was weer een schitterende vakantie;
Gargano, che bello!
zaterdag 4 oktober 2014
Blauwe schim over het water
Werkend langs een
vijverpartij op een landgoed horen we vanuit de verte een nerveus geluidje
dichterbij komen: Tititi-titi-tititi… Een blauwe schim schiet acrobatisch
tussen overhangende bomen door en vliegt een paar rondjes over de vijver, om
vervolgens op een tak naar het water te gaan zitten staren. Het staartje wipt
wat nerveus op en neer. Dan richt ze zich op en in een fractie van een seconde
duikt ze het water in, om vervolgens met een visje weer terug te keren naar de
tak. Het is een ijsvogel die zich te goed doet aan een tiendoornig
stekelbaarsje.
IJsvogels zijn
schuwe vogeltjes die zich langs beekjes, rivieren en waterpartijen ophouden op
jacht naar kleine visjes. Wanneer ze het water in duiken, schuift er een vliesje
als een soort duikbril ter bescherming over het oog. IJsvogels broeden in
steile kanten, waarin ze een nesthol graven. Het aantal broedparen in Nederland
wisselt jaarlijks van 100 tot 800 paar. Omdat ze afhankelijk zijn van water,
hebben ze het erg moeilijk met strenge winters, waardoor het aantal flink
achteruit gaat. Daarentegen kunnen ze meerdere nesten per jaar grootbrengen.
Mannetjesijsvogels hebben een zwarte snavel. De vrouwtjes hebben een geheel of
gedeeltelijk oranje ondersnavel.
Abonneren op:
Posts (Atom)














































