Posts tonen met het label Werk. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Werk. Alle posts tonen

zondag 8 oktober 2017

Mooie Duinen


Wassenaar





Het Landschapsonderhoud Project komt regelmatig in de duinen. Onlangs wat noodgedwongen, toen de eerste fikse herfststorm haar intrede deed en het in de ochtend te gevaarlijk was om in het bos te werken. We besloten om een stevige strand- en duinwandeling te maken. De zee was woest; kolkende golven met dikke schuimkoppen die ver over het strand werden geblazen en menige prullenbak kreeg natte voetjes. Het strand kreeg het ook zwaar te verduren, want waar de zee niet bij kon, zorgde de wind wel voor een behoorlijke zandverstuiving. Waanzinnig om te zien! In de loop van de dag werd de storm minder en konden we weer verder met onze snoei- en zaagwerkzaamheden op een landgoed.





Verschillende keren per jaar ruimt het LOP in opdracht van Staatsbosbeheer zwerfvuil op in de duinen. Wandelpaden en parkeerplaatsen worden afgestruind en duingebieden worden uitgekamd. Zo lopen we heel wat kilometers en ontdoen we het natuurgebied van tientallen vuilniszakken vol afval. En elke keer weer zijn we weer verbaasd van de mooie natuur. Of het nu een rode bosmier is, die haar lichaam uit een regendruppel probeert te wurmen, of de vele reeën die door het duingebied struinen. Onlangs vloog een groep van honderden spreeuwen rakelings over ons heen. Je kon het zoeven van de vele vleugelslagen heel goed horen. Door de regen van de afgelopen weken waren de grote parasolzwammen als paddenstoelen uit de grond geschoten en de boomkikkers kwamen we nu in het hele duingebied tussen Wassenaar en Katwijk tegen, zelfs ver van de waterpartijen vandaan. Zo nu en dan kekkerden ze nog steeds in koor. Twee velduilen wiekten traag met hun lange vleugels als fladderende vlinders door de duinvalleien. Ondanks de regenbuitjes genieten we dan ook echt van ons werk.


maandag 18 april 2016

Vossen in de duinen

Regelmatig gaan we met het Landschap Onderhoud Project zwerfvuil ruimen in de duinen tussen Katwijk en Wassenaar. Eén van de vele bewoners die we dan regelmatig tegenkomen is de vos. In de 15e eeuw werd deze harige viervoeter in de duinen uitgeroeid en het heeft tot 1968 geduurd voordat ze weer langs de kust rondscharrelde. De vos is echt een alleseter. Naast hazen, konijnen, vogels en insecten is ze ook gek op fruit en afval. Niet voor niets struinen vossen in de schemering graag de stranden af en snuffelen ze rond de strandtenten. Tijdens onze zwerfvuilrondes ging er al eens een vos vandoor met een werkhandschoen, maar na er uitgebreid op gekauwd te hebben, liet ze het vod links liggen, trok ze een vies gezicht en koos ze het hazenpad.


Vos Landschap Onderhoud Project



maandag 25 januari 2016

Watergangen vrij zagen


Wassenaar


Onlangs werd door een landgoedeigenaar de hulp van het LOP ingeroepen voor een spoedklusje: Sloten vrij maaien en vrij zagen ten behoeve van het baggeren.


Hoogheemraadschap Delfland, dat samen met de andere Waterschappen het waterbeheer en de waterkwaliteit regelt, had te kennen gegeven om op korte termijn alle belangrijke watergangen op en rond het landgoed te komen baggeren. Het baggeren is hard nodig, want de sloten zitten zó vol prut, dat het problemen met de watertoevoer en afvoer uit de omgeving kan opleveren.Te droog of te nat land dus. Er zal worden gebaggerd met een baggerboot, alleen waren de sloten zó overgroeid met bramen, takken en omgevallen bomen, dat die eerst snel verwijderd moesten worden. Voor het LOP een pittige maar erg leuke klus.






zaterdag 4 oktober 2014

Blauwe schim over het water




Werkend langs een vijverpartij op een landgoed horen we vanuit de verte een nerveus geluidje dichterbij komen: Tititi-titi-tititi… Een blauwe schim schiet acrobatisch tussen overhangende bomen door en vliegt een paar rondjes over de vijver, om vervolgens op een tak naar het water te gaan zitten staren. Het staartje wipt wat nerveus op en neer. Dan richt ze zich op en in een fractie van een seconde duikt ze het water in, om vervolgens met een visje weer terug te keren naar de tak. Het is een ijsvogel die zich te goed doet aan een tiendoornig stekelbaarsje.




IJsvogels zijn schuwe vogeltjes die zich langs beekjes, rivieren en waterpartijen ophouden op jacht naar kleine visjes. Wanneer ze het water in duiken, schuift er een vliesje als een soort duikbril ter bescherming over het oog. IJsvogels broeden in steile kanten, waarin ze een nesthol graven. Het aantal broedparen in Nederland wisselt jaarlijks van 100 tot 800 paar. Omdat ze afhankelijk zijn van water, hebben ze het erg moeilijk met strenge winters, waardoor het aantal flink achteruit gaat. Daarentegen kunnen ze meerdere nesten per jaar grootbrengen. Mannetjesijsvogels hebben een zwarte snavel. De vrouwtjes hebben een geheel of gedeeltelijk oranje ondersnavel.





maandag 5 mei 2014

Onderzoekje Stinzenplanten en vogels Oud Poelgeest

Oegstgeest/Leiden

Aanleg- en onderhoudswerkzaamheden die LOP Wendakker op landgoederen uitvoert hebben invloed of zijn gericht op de aanwezige flora en fauna. Vandaar dat we eens een dagje de werkzaamheden hadden stilgelegd om ons te verdiepen in de aanwezige planten en dieren en enkele beheermaatregelen besproken. In dit geval stinzenplanten en vogels op Landgoed Oud Poelgeest in Oegstgeest.

Stinzenplanten
De naam stinzenplant is afkomstig van het Friese woord ‘stins’ of stenen huis. Rijke mensen haalden vroeger planten uit verre streken vandaan om de tuin rond hun huizen, kastelen, boerderijen of kloosters te verfraaien. Vaak werd dit gedaan om de omgeving te laten zien hoe rijk men was. Een tulpenbol was immers goud waard. Deze groep, veelal vroegbloeiende bolgewassen, is men stinzenplanten gaan noemen. Gewoon sneeuwklokje, wilde hyacint, bostulp en de bosanemoon behoren tot de stinzenplanten.



Beheermaatregelen ten behoeve van stinzenplanten
Vooral van belang is om niet te vroeg te maaien. Pas na de bloei richt de plant zich, naast de zaadproductie, op het energie aanmaken voor de bloei van het volgende jaar. Zo kan men bijvoorbeeld in gazons met veel sneeuwklokjes, hyacinten of krokussen kiezen voor een zomergazon. Pas nadat de planten deels zijn afgestorven wordt er voor het eerst gemaaid en vervolgens wordt het gazon regelmatig gemaaid.
Een beetje blad vinden stinzenplanten niet erg, maar als er in het najaar door het blazen van de paden een dik pakket blad in de berm ligt, verdwijnen veel soorten ook. Het blad moet dus worden opgeruimd of verder geblazen. Op landgoederen moeten slootjes ook wel eens gebaggerd worden. Dit mag gerust worden uitgespreid in de berm, als de laag maar niet te dik is. Veel stinzenplanten vinden deze mestgift wel prettig. Maar pas op; als de berm verschraald moet worden, (maaien en afvoeren om de grond voedselarmer te maken,) mag er natuurlijk geen bagger worden uitgespreid.



Geïnventariseerde soorten stinzenplanten
We hebben op het landgoed twee vakken geïnventariseerd op soorten bloeiende stinzenplanten en de mate van voorkomen in dat vak. Van de 9 getelde soorten waren de voorjaarshelmbloem en bosanemoon het meest voorkomend. Bijzondere soorten die we tegenkwamen waren de holwortel, gele anemoon en blauwe anemoon.

Vogels
Vogels zijn belangrijk voor de zaadverspreiding van veel planten en bomen. Sommige soorten leggen een wintervoorraad van zaden aan, die ze niet altijd terug kunnen vinden. Ook kunnen sommige zaden pas ontkiemen nadat de harde buitenkant door het spijsvertering van de vogels is aangetast en het zaad is uitgepoept.
Daarnaast eten veel vogels insecten die anders een plaag zouden vormen, of staan ze zelf op het menu van andere vogels of dieren. Landgoederen hebben veel afwisseling in het terrein op een klein oppervlak. Er zijn op een landgoed veel bosranden, hagen, oude bomen, boomgaarden, dicht bos en water te vinden. Hierdoor voelen veel vogelsoorten zich op een landgoed thuis.

Beheermaatregelen ten behoeve van vogels
Zorg voor veel variatie in het terrein op een landgoed. Dode bomen of liggend hout indien mogelijk laten staan of liggen. Veel bossen raken hun struiken- en kruidlaag kwijt door lichtgebrek. Probeer deze gelaagdheid weer terug te brengen. Door extensief maaibeheer krijg je meer variatie in plantensoorten en dus ook meer voedsel en dekking voor vogels. Probeer het landgoed niet overal te netjes te maken. Bramen en ruigtekruiden bieden veel vogels een goede broed- en schuilgelegenheid. Houdt rekening met onderhoudswerkzaamheden tijdens het broedseizoen.

Waarom zingen vogels?
Vogels zingen voornamelijk om een vrouwtje te lokken of om hun territorium te verdedigen. Terwijl wij genieten van het gezang van de vogels, is het voor hun een soort oorlogstijd. Daarnaast maken vogels ook geluidjes om gevaar aan te duiden, of om hun jongen te roepen.



Geïnventariseerde soorten vogels
We hebben onder andere gaaien, wilde eenden, meerkoeten, waterhoenen, pimpel- en koolmeesjes, merels, houtduiven, kauwen, halsbandparkieten, roodborstjes en winterkoninkjes gezien.  Vooral de roodborst, winterkoning en halsbandparkiet waren aan het zingen of maakten veel herrie.
Er is 10 minuten naar het gedrag van het roodborstje gekeken. Eerst zit hij te zingen op een tak, vervolgens zoekt hij tussen de bladeren op de grond naar insecten. Dan vliegt de roodborst weg, omdat hij wordt opgeschrikt door een wandelaar. Een andere roodborst gaat in de buurt zingen en de eerste roodborst gaat meteen op een hoger en zichtbaarder punt zitten en zingt luider. Vervolgens verdwijnt ze in een takkenril.


De deelnemers vonden het een erg interessante en geslaagde dag.

maandag 3 maart 2014

Omsingeld door Schotse Hooglanders



Onlangs werkte het Landschapsonderhoud Project voor SBB in de uitgestrekte duinen van Bloemendaal, om opslag van Corsicaanse dennen te verwijderen.  Tijdens de pauze werden we vergezeld door een groepje woest uitziende, langharige collega’s die onze bus omsingelden; een groepje Schotse Hooglanders. Schijnbaar vonden ze onze koffie en brood een stuk aantrekkelijker dan het stugge gras en het houtopslag waarvoor ze in het gebied waren uitgezet om dit terug te dringen. Na een korte arbeidsoverleg, waarbij de dieren op een houtje moesten bijten, hervatten we weer onze werkzaamheden.


De Schotse hooglander is een echte oerrund, afkomstig van de ruige Schotse hooglanden. Ze is bestand tegen onstuimig weer en voedselarme omstandigheden. Eind jaren ’70 begon in Nederland natuurbeheer in opmars te komen. Monotone houtproductiebossen werden omgevormd tot gevarieerder bos. Nederland miste alleen  grote grazers om op een natuurlijkere wijze het gebied gevarieerder te maken en te behouden. In 1982 werden de eerste Schotse Hooglanders uitgezet en sindsdien zijn ze ook in veel andere natuurgebieden losgelaten. Er wordt gezegd dat er nu in Nederland meer Schotse hooglanders voor komen dan in Schotland zelf.  Bij een lage begrazingsdruk zorgen Schotse hooglanders voor een gevarieerder terrein; ze gaan deels verruiging en verbossing tegen, zodat er open ruimtes ontstaan. Ook wordt de grond hier en daar omgewoeld en zorgt hun mest voor kleine vegetatieverschillen. Schotse hooglanders zijn niet agressief, mits je op gepaste afstand blijft.


maandag 22 april 2013

Met het LOP de winter door


Landschaponderhoud Project (LOP) Movens -leiden


Het lentezonnetje begint in kracht toe te nemen en veel landgoederen laten weer hun fraaie bloemenpracht van de vele stinzenplanten zien. Ook het LOP haalt weer even adem. We zijn de koude winter goedgemutst doorgekomen en hebben weer een hoop werk verricht voor de opdrachtgevers. De meeste werklocaties van het LOP liggen nogal afgelegen. Lunchen doen we dan ook vaak in het open veld of in de bedrijfsbus. Deze winter hebben we dan ook extra werkjassen aangeschaft om de kou te trotseren. LOP Wendakker heeft deze winter met veel enthousiasme op voornamelijk landgoederen gewerkt.



 
Stoephout

Op Stoephout, een landgoedje in Wassenaar, hebben we een strook doorgeschoten hakhout terug gezet. Dit was hard nodig. De dikke elzen waren zo afgetakeld en gevaarlijk dat er zo nu en dan 1 op een doorgaande weg belandde. Met behulp van een lier konden we de overhangende bomen de juiste kant op krijgen. Op het landgoedje hebben we verder met behulp van bosmaaier en snoeigereedschap het gras en ruigte in een oude boomgaard aangepakt en paadjes hersteld.


De Wagenschuur

Op landgoed ‘De Wagenschuur’ in Wassenaar zijn we vooral bezig geweest met het wegzagen van ongewenst houtopslag en het verwijderen van slechte eiken met behulp van motorzagen, touw en lier. Hier is licht en ruimte vrij gekomen om struiken aan te planten. Oude stobben zijn tot in de grond weg gefreesd en het LOP heeft het stuk klaar gemaakt voor aanplant; met behulp van trekkers hebben we verteerde bladgrond aangebracht en met behulp van een tuinfrees de grond doorgewerkt. Het LOP helpt later dit jaar mee met de nieuwe aanplant. Doel van de aanplant is om het landgoed verder te verfraaien en om vogels en wilde dieren meer dekking te geven. Het LOP is ook druk bezig geweest om een aantal bospaden die al jaren nagenoeg ontoegankelijk waren, te herstellen. Met bosmaaiers, bladblazers, handzagen, snoeischaren en ander gereedschap gingen we bramen, ruigte, houtopslag en het blad te lijf. Op een landgoed als deze raak je nooit uitgewerkt, maar het LOP heeft er in ieder geval weer een plaatje van gemaakt.
 


 
SBB Elswout

LOP Wendakker wordt regelmatig ingehuurd door Staatsbosbeheer. Op landgoed Elswout, vlak bij Haarlem, heeft het LOP ook nu weer meegeholpen met het bladvrij maken van een groot aantal wandelpaden, fraaie moshellingen en schilderachtige zichtassen. Met behulp van bladblazers en handgereedschap hebben we bladrillen gemaakt, die een loonwerker met behulp van een borstelmachine kon afvoeren. Ook hebben we op het landgoed een aantal groepen oude en uitgezakte rododendrons afgezet, zodat ze weer fris uit kunnen lopen. Andere klusjes op het landgoed waren o.a. het verwijderen van bramen en het egaliseren van molshopen. In het duingebied is met behulp van handzagen en motorzagen houtopslag van esdoorns en Amerikaanse vogelkers verwijderd. Deze bomen en struiken zijn niet inheems in Nederland en als er niet ingegrepen wordt, overwoekeren ze de van nature voorkomende hout- en plantensoorten.

 
SBB zwerfvuil

Door het wegvallen van een LOP-ploeg zat SBB met een groot probleem. Deze werkploeg zorgde er immers voor dat het immens grote duingebied van SBB tussen Zandvoort en Wassenaar vrij werd gemaakt van zwerfvuil. De overgebleven LOP-ploegen van Movens zagen het dan ook als hun taak om dit werk over te nemen. Wandel- en ruiterpadenpaden werden afgestruind, duingebieden uitgekamd, hangplekken en parkeerplaatsen opgeruimd met als buit een ongelooflijke hoeveelheid aan zwerfvuil. Wandelaars waren zeer positief en zeiden zich te schamen dat de mensheid zoveel rotzooi kon achterlaten. Niet alleen knapt het duingebied door het verwijderen van het afval weer op (veel afval verteert niet of nauwelijks), maar ook vogels en dieren kunnen anders verstrikt raken in sommige afval of eten het plastic op, wat in hun maag achterblijft. Door het volle maaggevoel kunnen deze dieren uiteindelijk doodgaan aan voedselgebrek. Zolang er mensen in het duingebied komen, zal er altijd wel afval rondslingeren. De LOP-ploegen van Movens zullen dan ook geregeld het duingebied afstruinen om een bijdrage te leveren aan het opruimen van het zwerfvuil.


Privacy

Deelnemers van het LOP zijn erg trots op hun werk. Ze hebben dan ook allemaal getekend dat ze zichtbaar op de foto's mogen staan voor dit artikel op de website van het DAC. Deze andere foto's verschijnen binnenkort dan ook op de website van Movens en laten een nog beter beeld zien van ons werk.


 

donderdag 13 december 2012

LOP bestudeert bomen en struiken


Wassenaar


Sneeuw en regen kwamen met bakken uit de hemel en Nederland verdween onder een witte deken. Een aantal diehards van het LOP wilde toch eropuit trekken. Blad blazen had geen zin en omdat een half uurtje buiten staan al genoeg was om goed doorweekt en verkleumd te raken, besloot het LOP om haar kennis van bomen en struiken wat op te vijzelen. Gewapend met snoeischaar trokken we het bos van landgoed Duindigt in om een 20-tal takken te knippen. Vervolgens installeerden we ons  in de kantine en werden de boeken en naslagwerken met determinatietabellen tevoorschijn gehaald.
 
 
 
Klik op foto voor vergroting
 
elzenhakhout, beuk
  gewone es, hazelaar
                      Duindigt
 
 

Er werd onder andere bestudeerd welke kleur de takken en knoppen hadden, of ze behaard waren, of er doorns aan zaten en hoe de knopstand aan de twijg was. Op deze wijze konden we uiteindelijk de soorten bepalen. Het LOP werd een aantal keer in verwarring gebracht, doordat sommige takken afkomstig waren van kruisingen tussen enkele wilde soorten. Zo heeft de zachte berk zacht behaarde twijgen en de ruwe berk juist onbehaarde, ruwe twijgen als schuurpapier. Wij hadden natuurlijk weer een twijg achterover gedrukt die niet behaard was, maar ook niet ruw. Ook onze larikstak gaf veel discussie over welke het nu was.

Na de worsteling over de soortbepaling moest er worden opgezocht waar de boom- en struikensoorten voor gebruikt worden en waar ze zich thuis voelen;  moeras, droge zandgronden, voedselrijke bodems etc.
Iedereen was zo enthousiast dat de notulant moeite had met het bijbenen van de vele bevindingen.

Ondanks het weer weer een geslaagde dag en we glibberden met ons busje terug naar Leiden.



maandag 29 oktober 2012

LOP knipt doolhof



Onlangs heeft een landgoedeigenaar in Wassenaar het Landschap Onderhoud Project ingeschakeld om een doolhof te knippen. Met jalonstokken, de rood met witte ‘speren’,  en touw is de hoogte uitgezet. 950 meter haag is door de heggenschaar zodanig toegetakeld, dat het er weer strak uitziet.
 

 
Klik op foto voor vergroting


Het doolhof ligt op een voormalige composthoop. Het stukje ‘vergeten’ land was al jarenlang een doorn in het oog van de eigenaresse. Bramen en esdoorns woekerden welig tussen het tuinafval en de boomstronken.  In 2005 kwam hier verandering in. Er werd er volop gezaagd, gemaaid en de storthoop werd afgegraven. Met behulp van gps werd het doolhof uitgezet en een sproei installatie moest de 1700 taxussen in het mulle duinzand van water voorzien. Het doolhof is nu bijna helemaal volgroeid. Het onderhoud van een doolhof is erg arbeidsintensief en daardoor zijn er door de eeuwen heen veel van dit soort elementen op landgoederen verdwenen.

De termen doolhof en labyrint worden nog wel eens door elkaar gebruikt.  Er zijn echter belangrijke verschillen:

Labyrint
Een Labyrint heeft maar één gang. Het pad leidt automatisch naar het einddoel. Het bewandelen van een labyrint heeft meestal een symbolische of spirituele functie. Met komt er tot inkeer en bezinning. De oudst bekende labyrinten werden zo’n 4000 jaar geleden op steen gekerfd.

Doolhof
Een doolhof heeft een padenstelsel waarbij je, op weg naar het einddoel, telkens weer splitsingen tegen komt. Ook kunnen er dood lopende paden tussen zitten. Een doolhof is meer een soort puzzel, waarbij je al dolend het einddoel hoopt te bereiken. De oudst bekende doolhoven zijn zo’n 500 jaar oud.

Bezoeken
In Nederland zijn ongeveer 50 grote doolhoven en labyrinten te bezichtigen. Meestal vormen ze onderdeel van een pretpark of kasteeltuin.

zondag 12 februari 2012

LOP stuit op kerkuil



Klik op foto's voor vergroting


Het Landschap Onderhoud Project (LOP), een arbeidsproject van DAC Movens te Leiden, is werkzaam op diverse landgoederen en in natuurgebieden in Noord- en Zuid-Holland.
Een tijdje terug pauzeerde de deelnemers in een oude schuur, waar tientallen braakballen, witte uitwerpselen en enkele uilenveren lagen; hier zat een kerkuil! De eigenaar is op de hoogte gesteld met het advies rekening te houden tijdens eventuele renovatie en met het advies om een kerkuilenkast te plaatsen.


De kerkuil is een sierlijke vogel met lange vleugels en poten. Vooral haar hartvormige gezichtssluier is erg kenmerkend voor de soort. Door haar lichte verenkleed valt ze makkelijk op (als ‘spookgedaante’) als ze in de schemering of ’s nachts op jacht gaat naar muizen. Haar prooi lokaliseert ze op gehoor. Kerkuilen broeden in kerktorens, schuren en andere gebouwtjes. Het is een kwetsbare soort; door verdwijnen van kleinschalige landbouw, de grotere verkeersdruk en vooral door het verdwijnen van geschikte broedplaatsen waren er rond 1980 nog maar zo’n 100 paartjes kerkuilen in Nederland. Gelukkig gaat het alweer een stuk beter met de kerkuil. Vele werkgroepen en vrijwilligers hebben maatregelen getroffen, zoals het plaatsen van geschikte nestkasten. Er broeden dan ook weer 2000-3000 paartjes in Nederland.


Braakballen pluizen

Op slaapplaatsen en broedplaatsen van uilen zijn braakballen te vinden. Hierin zitten onverteerbare resten van hun prooidieren, zoals haren, schedels, veertjes en insectenschilden. Uilen produceren gemiddeld 1 tot 2 braakballen per dag.


 
Tijdens een regenachtige dag heeft het LOP enkele braakballen uitgeplozen. Bij gebrek aan een pincet om de schedeltjes er voorzichtig uit te pulken, hebben we de braakballen voorzichtig gebroken en in een bakje met lauw water gelegd. Door flink te roeren, het water een aantal keer af te gieten en te verversen, hielden we enkele schedeltjes, onderkaken en botjes over. De werkgroep werd verdeeld in een notulist, een deelnemer die met behulp van het boek ‘Braakballen Pluizen’ de determinatietabel doornam en enkele deelnemers die met een loep en liniaal de kenmerken van de schedeltjes en kaken bekeken. Aan de hand van de grootte van de schedel, het aantal, de vorm en de stand van de kiezen en tanden en andere kenmerken wisten we wat het diner van de kerkuil de afgelopen dagen was geweest. De uil had zich vooral aan rosse woelmuizen en huismuizen tegoed gedaan, maar ook werden er schedeltjes en kaken van enkele veldmuizen en huisspitsmuizen gevonden.



Volksgeloof, gebruiken en magie

Er werd algemeen gedacht dat wanneer een uil zich ’s avonds liet horen, het de volgende ochtend goed weer zou zijn. Maar men dacht ook dat wanneer een uil dit deed bij het huis van een ziek persoon, deze binnen drie dagen zou komen te overlijden.
In Engeland werd lange tijd geloofd dat verbrande en verpulverde eieren het gezichtsvermogen verbeterde.
Vroeger ving men zangvogeltjes door een uil aan een touw op een tak te plaatsen en de overige takken in te smeren met vogellijm. Vogels kwamen dichterbij en probeerden de uil te verjagen en te irriteren en bleven zo vastkleven aan de lijm.
Uilen werden vroeger ook in verband gebracht met heksen. Heksen zaten op de rug van een uil om zich te verplaatsen. Soms werden uilen ook in brouwsels gebruikt. Doordat uilen geruisloos en spookachtig kunnen vliegen, hun ogen ineens kunnen laten knipperen en hun nek geheel rond kunnen draaien, waren mensen over de hele wereld bang voor uilen.
Ook was men bang voor een uil omdat,  wanneer zij ’s avonds laat werd gezien of tegen de ruiten op botste, iemand zou sterven of verongelukken. Hier zit een kern van waarheid in. Wanneer iedereen ’s nachts rustig lag te slapen, brandde er nog licht bij zieke personen, die maar niet in slaap konden komen. De verlichte ramen trokken volop nachtvlinders en andere insecten aan, waar een uil zich graag tegoed aan deed. Zo zag men dan een uil voor de ramen wieken en soms zelfs tegen de ramen opbotsen. De medische wetenschap was vroeger nog niet zo ver gevorderd, waardoor ernstig zieke personen snel kwamen te overlijden. Zover dacht men natuurlijk niet; de uil was het kwaad.

zondag 4 december 2011

Koe- of melkbocht

In het veenweidegebied komen verschillende soorten bossages voor. Eén bijzondere bossage is de koe- of melkbocht. Dit is een met bomen omsloten ruimte waar het vee naartoe kon worden gedreven om te worden gemolken, om in op te sluiten zodat de mest kon worden opgevangen en ter bescherming tegen slecht weer. Een koebocht werd aangelegd tussen de weilanden in, of aan de rand van een perceel. Het bosje zelf werd meestal als hakhout onderhouden.


Klik op de foto voor vergroting

Het LOP heeft onlangs de randen van een koebocht afgezet, zodat de sloten geschoond kunnen worden. Het hout wordt gebruikt als haardhout en de takken zijn verwerkt in takkenrillen.




zaterdag 15 oktober 2011

Provinciale LOP-dag op landgoed Duivenvoorde

8 september jl. hebben ongeveer 40 deelnemers en begeleiders van de LOP-ploegen van Movens (LOP Buizerd, Wendakker en Duinwerk) en Reakt (LOP Rietgors) deelgenomen aan de Provinciale LOP-dag. Dit educatieve uitje werd door Landschapsbeheer Zuid-Holland op landgoed Duivenvoorde te Voorschoten georganiseerd.


Klik op foto voor vergroting

We werden met koffie, thee en cake ontvangen in de Marotzaal van het schitterende middeleeuwse kasteel. Marleen van der Lee, regiomedewerkster van Landschapsbeheer Zuid Holland, verzorgde een presentatie over landschapselementen, ecologische verbindingszones en de bijbehorende planten en dieren. Speciale aandacht was er voor waterdiertjes en insecten, zoals libellen, omdat dit onderdeel terug zou komen in de buitenexcursie.

Tussen de middag stonden belegde broodjes en warme erwtensoep op ons te wachten in de werkschuur van het landgoed. Peter Meeuwenoord (begeleider LOP Wendakker) verzorgde samen met Dick de Vlieger (beheerder van het landgoed) de excursie door het park. Helaas moest het programma door de regenbuien iets worden aangepast. Aan de hand van elementen in het terrein werd er over de geschiedenis verteld. Zo moest men vroeger bij een brug tol betalen om door te mogen varen. Ook werd er stil gestaan bij landschapselementen als zichtassen, slingerpaadjes en kronkelende beekjes; kenmerken van de Engelse landschapsstijl. Ook de flora en fauna werden niet vergeten en gewapend met schepnetjes gingen we op zoek naar waterdiertjes en libellen. De buit bestond onder andere uit een kleine snoek, libellenlarven en een lantaarntje; een waterjuffer.
Het was een zeer geslaagde dag.

Deelnemers van een Landschaps Onderhoud Project werken dagelijks in weer en wind op bijzondere locaties zoals op landgoederen en in natuurgebieden. Hier helpen ze mee met het onderhoud en herstel van het Nederlandse landschap en dragen zij bij aan een betere leefomgeving voor planten en dieren.

(Met dank aan een aantal foto’s van Landschapsbeheer)

Herstel eeuwenoude heideveldje

Op Landgoed Rust en Vreugd is een tijdje geleden één van de laatste stukjes heide van Wassenaar in vlammen opgegaan. Het LOP werd ingeschakeld om te proberen het heideveldje weer in ere te herstellen. Als eerste werden de afgebrande heidestruiken met de hand verwijderd. Vervolgens is de bosmaaier en een freesmachine ingezet om de bovenste grondlaag (toplaag) los te maken, zodat deze voedselrijke laag met schoppen verwijderd kon worden. Als laatste hebben we zoveel mogelijk restanten graswortels uitgetrokken, om de heide de kans te geven. Nu maar hopen dat de heide zich weer wil herstellen.


klik op foto voor vergroting

Zo’n 5000 jaar geleden was het westen van Nederland één grote waddenzee. Vanaf die tijd ontstonden ter hoogte van Wassenaar en Voorschoten zandruggen; de oude duinen ofwel strandwallen. Al snel vestigden zich op deze hogere delen jagers en boeren. Er werd ruimte gecreëerd voor kleinschalige veeteelt en akkerbouw. De akkers werden bemest met plaggen die in de buurt waren gestoken. De afgeplagde percelen werden hierdoor telkens voedselarmer, waardoor er heide op ontwikkelde. Landgoed Rust en Vreugd is pas zo’n 150 jaar geleden aangelegd. Het restje heideveld wat afgeplagd is, is dan ook waarschijnlijk een stukje cultuurlandschap van ver vóór de aanleg van het landgoed.