vrijdag 19 maart 2021

Stinzenplanten op z'n Fries


Klik op foto voor vergroting


Het viel me andere jaren al op dat Stinzenplanten en Friesland een bijzondere band met elkaar hebben. De naam Stinzenplant is afkomstig van het Friese woord stins - stenen huis. Hiermee wordt een (voormalige) burcht of landhuis en met name stenen wachttorens mee bedoeld. Vroeger brachten gegoede mensen bijzondere planten mee uit het buitenland, om hun tuin of park te verfraaien. Veelal waren dit vroegbloeiende bolgewassen om de tuin weer kleur te geven na de grauwe winter. Dorpsbewoners van het Friese Veenwouden noemden de bijzondere plantjes, met name het Haarlems klokkenspel, op Schierstins al Stinzeblomkes. Het woord stinzenplant is waarschijnlijk door de heemkundige Jacob Botke in 1932 geïntroduceerd en is gebaseerd op de benaming Stinzenblomkes. De term stinzenplant is een in Nederland en Duitsland gangbare benaming geworden voor deze groep van planten die vooral voorkomen op landgoederen, in kloostertuinen, rond oude boerderijen en rond historische kerkhoven.

Massale bloei van sneeuwklokjes en bonte krokussen op Martenastate

Maar het is niet alleen de naam stinzenplant die mij de bijzondere band tussen deze plantengroep en Friesland toonde: toen ik daar jaren geleden een aantal staten - landhuizen - om hun stinzenplanten bezocht, leken deze bloeiende plantjes daar echt op handen gedragen te worden. Overal bordjes, informatiepanelen, brochures en rondleidingen. Niet voor niets is Friesland goed vertegenwoordigd op de schitterende website Stinzenflora-monitor. Daar hield het echter niet bij op. Toen ik onlangs weer een aantal Friese staten bezocht, zag ik op een aantal plekken mensen liefdevol voorzichtig onkruid wieden en takjes rapen tussen de stinzenplanten. Ondertussen druk foto's makend voor een update voor de eerder genoemde website. In het westen van Nederland komen stinzenplanten ook veel voor, maar die hebben meestal maar te dealen met het reguliere, grootschalige beheer. In Friesland lijkt men deels stinzenplanten te beheren als tuinieren met wilde planten. Alsof elk bolletje, net als in de middeleeuwen, zijn gewicht in goud waard is. En die liefde proef je.


Kaart natuurbezoek Friesland.

Op 17 maart was ik samen met een vriend op pad geweest naar Friesland om een aantal locaties  aan te doen waar veel stinzenplanten groeien. Daarnaast stond ook een natuurgebied bij Moddergat op de planning om te genieten van de waddenzee. Hoewel de beste tijd om veel soorten stinzenplanten te bewonderen zo rond eind maart tot eind april is, wilde ik ook eens de vroegere bloeiers in grote aantallen aanschouwen. 

Martenatuin

Bonte krokussen, holwortel en middelste sneeuwroem in bloei.

Verborgen achter het 15e eeuwse stadspaleis Martenahuis in het centrum van Franeker ligt de Martenatuin. Een tuin met een rijke stinzenflora, waaronder holwortel, bostulpen en Oosterse sterhyacint.

Jongemastate

Fraaie toegangspoort en een bijna geheel witte sneeuwklokje.

De oorspronkelijke state is al lang geleden afgebroken. De oude poort uit 1603 leidt naar een omgrachte binnenparkje. Hier staan onder andere sneeuwklokjes, bostulpen, voorjaarszonnebloemen en keizerskronen. Op naam brengen van de stinzenplanten op deze locatie kun je doen met behulp van deze zoekkaart. Er is op Jongemastate een roekenkolonie gehuisvest.


Schierstins

Een bijzonder sneeuwklokje, bosgeelster, wit hoefblad en lenteklokje.

Schierstins, dé locatie waar de term stinzenplant mogelijk vandaan komt, is nog de enige bewaard gebleven stins van Friesland. Een stins is een stenen woontoren waar de belangrijke families hun toevlucht konden vinden in tijden van gevaar. Op Schierstins groeien veel soorten stinzenplanten waaronder lenteklokje, winterakoniet, bosgeelster en Haarlems klokkenspel.

Dekemastate

De fraaie state herbergt veel stinzenplanten, waaronder de bostulp.
Leifruit is in vele vormen aanwezig.

Hoewel Dekemastate voor het eerst verneld wordt in 1486, stamt de huidige vorm uit 1816. Dekemastate is een mooi buiten met een grote boomgaard, pluktuin en een wandelpark. Hier groeit en bloeit massaal de bostulp, maar ook kun je er onder meer genieten van knikkend vogelmelk, daslook, gele anemoon en gevuld sneeuwklokje. 

Martenastate

Een fraaie toegangspoort en vele bonte krokussen en sneeuwklokjes sieren de state.

Op steenworp afstand van Dekemastate ligt het fraaie Martenastate met haar kronkelende waterpartijen en slingerende paadjes. Rond 1400 woonde Sytze Martena al op dit landgoed en de buitenplaats is lange tijd in bezit geweest van deze familie. In 1899 is het landhuis vervangen door het huidige kasteeltje. Martenastate is door FLORON uitgeroepen tot één van de  mooiste locaties van Nederland, door haar grote verscheidenheid aan stinzenplanten. Hier kun je onder andere genieten van de bostulp, gele anemoon, Haarlems klokkenspel en holwortel.

Tot slot

Martenastate was de laatste plek van onze trip van vandaag, Niet heel veel soorten gezien, maar het was zéker de moeite waard en hopelijk volgende maand weer een bezoekje aan deze bijzondere tuinen en parken.




maandag 8 maart 2021

Struinen over het Speuldepad en Landgoed Staverden

In het Oosten des lands, tussen Apeldoorn en Harderwijk, ligt verscholen in de bossen van de Veluwe het fraaie landgoed Staverden. Hoewel de fundamenten van het kasteel uit de middeleeuwen dateren, stamt het huidige huis uit 1905. Rondom het witte kasteel zijn fraaie elementen te vinden zoals een waterrad, verschillende speelse waterelementen en een orangerie waar een brasserie in gevestigd is. Landgoed Staverden staat bekend om haar witte pauwen, die hier al sinds 1400 gehouden worden. Het landgoed is een goede uitvalsbasis om een wandeling te starten. Een mooie wandelfolder met 3 korte, gemarkeerde routes is hier te vinden. Ook start er vanaf de parkeerplaats het Speuldepad; een klompenpad met een lengte van 16 km, of in te korten tot 13 km. Het Speuldepad is een fraaie wandelroute over het landgoed, langs beekjes, door bossen en over een uitgestrekt heideveld.

Klik op foto voor vergroting





woensdag 28 augustus 2019

woensdag 2 januari 2019

Vuurstapels Scheveningen onder vuur


Scheveningen


Dagenlang waren de Duindorpers en de Scheveningers bezig met de bouw van hun vreugdenvuren op het strand. Het moest allemaal nog groter. Tussen de gemeente Den Haag, Duindorp en Scheveningen werd afgesproken om de vuren maximaal 35 meter hoog te maken en te voorzien van maximaal 10.000 kuub hout. Uiteindelijk werden de vuren 48 meter hoog.

De hitte van de oplaaiende vlammen en de aanwakkerende wind zorgden voor vuur- en vonkentornado's die zich richting het centrum begaven. Vanaf het strand was hier niet veel van te merken, maar de vonkenregen werd zo heftig dat de politie de bezoekers op de boulevard en in bepaalde straten moest verwijderen. Soms met harde hand omdat een aantal daar geen gehoor aan wilde geven. Een geparkeerde auto en een kiosk op de boulevard vatte vlam en de bermen van de keerlus van tram 11, deels ingesloten door bebouwing, vatten geregeld vlam. Een onafgebroken vonkenregen vloog over de bebouwing richting de Keizerstraat (winkelstraat). Alsof een vulkaanuitbarsting had plaats gevonden dwarrelden tot soms handgrote brandende asdelen aanhoudend in de omliggende straten. Brandweerwagens en hoogwerkers werden ingezet om daken en andere brandjes te blussen en om de boel preventief nat te houden. Ondertussen werd het vreugdevuur uitgemaakt, wat een enorme rookontwikkeling in het dorp veroorzaakte. Brandweermannen en andere hulpverleners zijn de hele nacht bezig geweest en hebben ervoor gezorgd dat Scheveningen-dorp nog bestaat. In de ochtend zijn overal asresten, verbrande fietsen en beschadigde auto's te zien. Niet veel later reden reinigingsdiensten af en aan en hielpen bewoners mee om de omgeving weer toonbaar te maken. Vreugdevuren zijn schitterend, maar deze vreugdevuren liggen onder vuur.













Geschiedenis vreugdevuren

Decennia lang werden in diverse buurtjes (straten) kerstbomen en autobanden bij elkaar gesprokkeld. Om het grootste vuur te krijgen, ging het er grimmig aan toe. Regelmatig gingen de verschillende groepen met elkaar op de vuist om bij de tegenpartij de kerstbomen weg te rausen of werden verstopplekken geplunderd of juist met wapens verdedigd. De politie zette zelfs helikopters in om de verstoplekken te vinden en de illegale branden tegen te gaan. Tijdens de branden waren er regelmatig vernielingen of sneuvelden er ramen en auto's. Gemeente Den Haag was de vernielingen en schermutselingen meer dan zat en stelde in 1990 voor om brandplekken te maken op het strand. De afspraak was wel, dat de buurten zo hoog en zo groot mogelijke vuren mochten maken, om de rivaliteit tussen de buurten in een georganiseerde strijd op het strand te laten verlopen. Waren het er eerst meerdere vuren, uiteindelijk bleef er 1 over op het noorderstrand. De buurten hadden zich verenigd en de strijd verplaatste zich naar een strijd tussen de wijken Duindorp (Zuiderstrand) en Scheveningen (Noorderstrand). En zo ontstonden de vreugdevuren van Duindorp en Scheveningen zoals we die nu kennen. De rivaliteit ging alsmaar door. Niet alleen wilden de wijken van elkaar winnen, maar ze wilden ook de grootste vreugdevuren van Nederland (en de wereld) bouwen. Het werd allemaal steeds professioneler; hoogwerkers en buldozers werden ervoor ingezet en de vrachtwagens met pallets kwamen zelfs uit het buitenland. De harde vechtpartijen en vernielingen van vroeger bleven uit; men vestigde hun aandacht vooral aan het verkrijgen van pallets en aan de bouw zelf. Iets waar de buurten al het hele jaar naar uitkijken. 150 tot 200 man hielpen aan zo'n vuur mee. Regen of sneeuw, de Schollenkoppen zijn niet te stoppen en werkten in 5 dagen tijd dag en nacht door. De vuren werden jaarlijks groter en hoger en kreeg daardoor ineens ook internationaal grote belangstelling. Met het hoger worden van de vuren en de grotere belangstelling werden er elk jaar strengere eisen aan de veiligheid gesteld. Zo werden er onder andere drang- en bouwhekken geplaatst en hielp de politie voor de orde en handhaving. Ook mochten de bouwers alleen nog via een bouwlift of bouwtrap naar boven. Met het hoger en groter worden van de vuren nam echter ook het risico dat het een keer misgaat toe. Dat was deze jaarwisseling dan ook het geval. De zeewind draaide wat, leek in kracht toe te nemen en kreeg vat op de 48 meter hoge vuurstapels. Wat uiteindelijk leidde tot de vonkenzee in Scheveningen-dorp. De huidige vorm om de rivaliteit tussen de wijken te beslechten zal drastisch worden aangepast. Want deze chaos wil Scheveningen nooit meer.


maandag 30 april 2018

Spindotters en getijden in de Rhoonse Grienden




Weer eens heerlijk rondgestruind door de Rhoonse Grienden. Het gebied is gelegen aan de Oude Maas en is een getijdegriend. Het water stond bij aankomst zó hoog, dat de dotterbloemen bijna geheel onder water verdwenen waren en de knotwilgen natte voetjes hadden. Hier groeit een bijzondere en zeldzame ondersoort van de dotterbloem; de spindotter. Uit de stengelknopen in de oksels van oude bladeren ontstaan bladrozetten met kluwen wortels ('spinnen'). Als de tussenliggende stengeldelen vergaan, worden de jonge plantjes meegenomen door het water om zich zo elders te kunnen vestigen.
Na een koek en zopie besloten we nog even terug te lopen naar de grienden en wauw!!! in een paar uur tijd was het water 60 cm gezakt en stonden de dotterbloemen weer uitbundig te pronken. Wat is Nederland toch mooi!





Groene wierslakken in de Grevelingen



Groene wierslak - Elysia viridis
Onlangs weer eens in de Grevelingen wezen snorkelen. Bepakt met wetsuit én duikpak leek ik wel een maanmannetje. Opstaan was dan ook hele onderneming. Hoewel de grote kleurenvariatie in de Grevelingen nog op gang moet komen, was er genoeg te zien. Vooral ook de vele fraaie groene wierslakken met hun 'gevleugelde' rug. Deze slakken nemen de kleur aan van het voedsel dat ze eten. De bladgroenkorrels worden opgenomen in de lichaamscellen. Bijkomend voordeel is dat de slakken zo de organische stoffen direct kunnen opnemen, die de algen onder invloed van zonlicht produceren.




maandag 19 februari 2018

Wandelroute Landgoeden Waardenburg en Neerijnen


Waardenburg/Neerijnen


Vlakbij Zaltbommel pronken de Gelderse landgoederen Waardenburg en Neerijnen. We besloten diverse korte wandelroutes in het gebied aan elkaar te knopen en begaven ons naar het startpunt; de parkeerplaats van uitspanning 'Het stroomhuis' (Van Pallandtweg 1 Neerijnen).


Neerijnen  met haar sierlijke kerk, kasteel
en kasteeltuin vol stinzenplanten
De route loopt door een bos in Engelse landschapsstijl, met slingerpaden, slootjes en weidevelden. Vlakbij kasteel Neerijnen staat een schitterend, okergeel hervormde kerk uit 1865. De achterliggende kasteeltuin, onderhouden door vrijwilligers, laten naast de rozentuin, kruidentuin en bloementuin, vele stinzenplanten zien, waaronder de winterakoniet, kleine cyclaam, diverse sneeuwklokjessoorten e.d. Rondom het kasteel, uit 1600, steken in het gras vele groene blaadjes de kop op; waarschijnlijk de bostulp die rond april gaat bloeien.


Reusachtige essen in de uiterwaarden van Waardenburg
Ze zien er ogenschijnlijk gezond uit
We pakken meteen de wandelroute door de uiterwaarden van Waardenburg mee. Wat een schitterende omgeving met slikkerige en glooiende graslanden, knotwilgen die half onder water staan en de fraaie rivierbeddingen van de Waal. In dit gebied staan nog enkele reusachtige en fraaie essen die ogenschijnlijk onaangetast zijn door de essentaksterfte, veroorzaakt door een schimmel.


Kasteel Waardenburg en de fraaie uiterwaarden
Via de Waalbandijk verlaten we de uiterwaarden en passeren we de Oersprongmuseum tegen de dijk aan en de poldermolen van Waardenburg. Het zicht vanaf hier op de uiterwaarden met de vele knotwilgen en weilanden is schitterend. Aan de linkerkant zien we kasteel Waardenburg op een soort schiereiland liggen. Kasteel Waardenburg stamt oorspronkelijk uit 1283, maar door een aantal aanpassingen, verwoestingen en renovaties zie je zowel oude als nieuwere elementen. We vervolgen onze weg door het park in de richting van kasteel Neerijnen. Hier zien we de jonge blaadjes van de voorjaarszonnebloemen - stinzenplant - alweer opkomen. We begeven on weer terug naar de parkeerplaats. Het was een fraaie wandeling met bijzondere elementen. Zeker de moeite waard om in het voorjaar terug te komen.




zondag 8 oktober 2017

Fraaie Grevelingen


Al een tijdje ben ik verslaafd aan het snorkelen in de Grevelingen. Elke keer kom je weer bijzondere dingen tegen. Omdat het water kouder werd en ik met een wintersuit wat moeilijker onder water kon komen, besloot ik in het plaatsje Hoogvliet langs een duikwinkel (MaiDiving) te gaan om een loodgordel aan te schaffen. Op hun aanraden zou ik nóg beter opletten tussen de wieren, want er waren volop spinkrabben te vinden, die wel erg gecamoufleerd waren. Ik dook het water in en de gordel werkte perfect. Bij het uitademen zakte ik het water in en bij het inademen kwam ik weer omhoog. De ideale balans om onder water te fotograferen. Weer waren er volop steurgarnaaltjes en diverse soorten zeeanemonen te vinden.


Grote zeenaald glijdend tussen het wier

Zeedahlia; onze grootste zeeanemoon

Er bewoog iets tussen de wieren; een hooiwagenkrab! 
Door de camouflage van allerlei stukjes wier die hij aan 
zich 'geplakt' had, was hij nauwelijks herkenbaar.


Mooie Duinen


Wassenaar





Het Landschapsonderhoud Project komt regelmatig in de duinen. Onlangs wat noodgedwongen, toen de eerste fikse herfststorm haar intrede deed en het in de ochtend te gevaarlijk was om in het bos te werken. We besloten om een stevige strand- en duinwandeling te maken. De zee was woest; kolkende golven met dikke schuimkoppen die ver over het strand werden geblazen en menige prullenbak kreeg natte voetjes. Het strand kreeg het ook zwaar te verduren, want waar de zee niet bij kon, zorgde de wind wel voor een behoorlijke zandverstuiving. Waanzinnig om te zien! In de loop van de dag werd de storm minder en konden we weer verder met onze snoei- en zaagwerkzaamheden op een landgoed.





Verschillende keren per jaar ruimt het LOP in opdracht van Staatsbosbeheer zwerfvuil op in de duinen. Wandelpaden en parkeerplaatsen worden afgestruind en duingebieden worden uitgekamd. Zo lopen we heel wat kilometers en ontdoen we het natuurgebied van tientallen vuilniszakken vol afval. En elke keer weer zijn we weer verbaasd van de mooie natuur. Of het nu een rode bosmier is, die haar lichaam uit een regendruppel probeert te wurmen, of de vele reeën die door het duingebied struinen. Onlangs vloog een groep van honderden spreeuwen rakelings over ons heen. Je kon het zoeven van de vele vleugelslagen heel goed horen. Door de regen van de afgelopen weken waren de grote parasolzwammen als paddenstoelen uit de grond geschoten en de boomkikkers kwamen we nu in het hele duingebied tussen Wassenaar en Katwijk tegen, zelfs ver van de waterpartijen vandaan. Zo nu en dan kekkerden ze nog steeds in koor. Twee velduilen wiekten traag met hun lange vleugels als fladderende vlinders door de duinvalleien. Ondanks de regenbuitjes genieten we dan ook echt van ons werk.


donderdag 21 september 2017

Terug naar de Gargano (Italië) - reisverslag



Reisverslag van vakantie 25 april t/m 3 mei 2017




klik op foto's voor vergroting




Terug naar de Gargano

Het was 3 jaar geleden dat ik naar de Gargano was geweest; een schiereiland aan de laars van Italië, in de Adriatische zee. De grillige kustlijn met de idyllische strandjes, de afgelegen verdedigingstorens die duidden op een woest verleden en vooral ook het berglandschap met haar duizenden wilde orchideeën deden me terugverlangen naar dit gebied.


Terugbladerend in mijn oude fotoalbum, realiseerde ik me dat mijn gebiedsbeschrijving van de Gargano zeer gering was. Ik moest me dan ook weer flink inlezen en de Gargano opnieuw 'ontdekken'. Erg leuk, maar dat kon beter. Dit verslag is dan ook een gedetailleerdere versie en bevat een betere locatieaanduiding. 

De vliegreizen gingen wederom van Schiphol naar Milaan en van Milaan naar Bari. Daar stond een auto op mij te wachten die ik via Expedia.nl had geboekt. (Vliegreis, auto en hotel.) Het was een splinternieuwe Fiat Panda van Maggiore en al gauw bleek dat ik hem niet meekreeg zonder extra kosten te betalen: Vliegveldtoeslag, ongevallenverzekering, verzekering schade en diefstal en het verminderen van het eigen risico. Een onverwacht grote uitgave dat niet lekker voelde; werd ik belazerd? In mijn reispapieren stond het niet duidelijk vermeld en daar stond ik dan. Diep ademhalen, betalen en via een kustweg op naar het bergdorpje Monte Sant'Angelo, mijn uitvalsbasis.  

Kaart met bezochte plaatsen
De stranden en verdedigingstorens hebben een ranking naar mijn indruk
  

Monte Sant'Angelo

Monte Sant'Angelo is een bedevaartsbergdorpje met uitzicht op de Adriatische zee. Het is ontstaan rond het Heiligdom van San Michele, waar aartsengel Michaël zich rond de 5e eeuw meerdere malen zou hebben laten zien. De straatjes zijn nauw en de huisjes staan gelaagd op de berghelling. Op steenworp afstand van het hotel ligt een kasteel uit de 9e eeuw. 

Ik besloot weer pizza te gaan halen bij het leuke pizzarestaurantje in het centrum. Zij herkenden me nog. Ik nam de punten mee en genoot van een avondpicknick bij het kasteel. Overal rondom me heen scheerden vleermuizen acrobatisch achter insecten aan en dwergooruilen lieten hun spookachtige en klaaglijke geluid horen: 'Tjoe, tjoe, tjoe.' Wat is het hier mooi! 

De volgende ochtend merkte ik dat zelfs in de tuin van het hotel wilde orchideeën bloeiden. De zon scheen heerlijk en het werd tijd om op pad te gaan.



Bezochte stranden

Tijdens de vakantie heb ik een tiental stranden aangedaan. (Zie kaart)

Van links aar rechts:

4 Spiaggia dei Faraglioni xxxx
3 Mattinata strand xxx
8 Spiaggia di Calenella xxxx

5 Spiaggia di Vignanotica xxxx
7 Porticello strand xxxx

6 Portonuovo strand xxx
7 Porticello strand xxxx

4: Spiaggia dei Faraglioni xxxx
Al vanaf de provinciale weg SP53 zag je de bijzondere rotsformaties van Faraglioni opdoemen uit zee. De auto aan de kant gezet en een droge rivierbedding gevolgd naar het strand. 

3: Mattinata strand xxx
Mattinata is een dorpje ingeklemd tussen bergen en de Adriatische zee. Het is ontstaan uit het oude Romeinse stadje 'Matinum'. Het heeft een fraai kiezelstrand en krijtrotsen. 

8: Spiaggia di Calenelle xxxx
Op 6,3km van Peschici, gelegen naast het dorpje Calenelle, vind je een 950 meter lang en rustig natuurstrand. Vanaf het strand heb je zicht op de op de berg staande Torre di Monte Pucci. Een koeienherder liep het vee te drijven en kwam een praatje maken.

5: Spiaggia di Vignanotica xxxx
Direct na het restaurantje Montagna aan de SP53 was een zijweggetje dat onder andere naar Spiaggia di Vignanotica liep. Ik zette de auto op de parkeerplaats en zag enkele purperorchissen op de grazige helling in bloei staan. In de vallei schalde het geklingel van de koeienbellen. Een betrapt bospaadje leidde de weg naar het verscholen kiezelstrand.Het strand was zó smal en de krijtkust zó hoog, dat er na 14.00 uur geen zon meer op scheen.

7: Porticello strand xxxx
Porticello was echt schitterend. Het lag een heel eind bij mijn hotel vandaan, maar de route door de Gargano voelde telkens weer als een avontuurlijke roadtrip door de wildernis. Het heeft een langgerekt zandstrand, maar ook vanaf de rotsen is het water soms te betreden. (Er zaten veel zonnende hagedissen.) Schitterende omgeving door de aanwezigheid van een verdedigingstoren op natuurlijk terrein. Hier kun je heerlijk wandelen.

6: Portonuovo strand xxx
Vieste is de belangrijkste badplaats van de Gargano. Onderdeel daarvan is het strand Portonuovo. Het is een zanderig en uitgestrekt natuurstrand.


Torens aan zee

Langs de kust van de Gargano staan vele eeuwenoude verdedigingstorens. Prijkend op een berg of op een rotspartij aan zee op soms de meest afgelegen en adembenemend mooie plekken.
Het verbaasde me dat een groot aantal ongebruikt werden, op instorten stonden of zelfs al tot een hoopje puin waren vergaan. En als ze al eens gerestaureerd werden, zagen de restauratieplekken er vaak weer te nieuw uit. Hoe dan ook, ik wilde op ontdekkingstocht naar deze fraaie bouwsels.

11 Torre Varano Piccola xxx
6 Torre di Sfinale xxxxx

9 Torre di m Pucci xxx (links midden)
12 Torre Varano Grande xxx (linksonder)
5 Torre di Porticello xxxxx

11: Torre Varano Piccola xxx
Aan de Via Torre Varano, een smal straatje naast het dorpje Foce Varano, liggen twee verdedigingstorens op steenworp afstand van elkaar; Torre Varano Piccola en Torre Varano Grande. Ze stammen uit omstreeks 200, liggen in de buurt van het Varano meer en zijn hoogstwaarschijnlijk de oudste kusttorens van de Gargano. Fraaie kantelen.

6: Torre di Sfinale xxxxx
De roadtrips naar de verdedigingstorens deed ik meestal op regenachtige dagen. Torre di Sfinale stond op een uitgestrekt woest terrein, dat begraasd werd door geiten. Net als op andere locaties in de Gargano zag ik dat de begrazingsdruk aardig was toegenomen ten opzichte van een paar jaar geleden, ten koste van de orchideeën. Drie honden kwamen blaffend op me af, maar bleven wel enige afstand houden; zij waren de geitenhoeders vandaag en ik was de indringer. Ik zakte door mijn knieën en de honden kwamen kruipend naar me toe. Het was goed en ze gingen als een dolle rondjes om me heen rennen. Sommige geiten waren de ruïne ingeklommen om enkele malse kruiden te bemachtigen. De ruïne en de uitgestrekte wildernis eromheen deden sprookjesachtig aan.
De toren stamt uit de 14e eeuw en werd gebouwd in opdracht van het koninkrijk van Napels. In 1748 telde Puglia, de streek, 131 verdedigingstorens. De ingang was vroeger te bereiken met houten ladders, later met stenen trappen. Bij gevaar werden vuren aangestoken om met de andere torens te communiceren.

9: Torre di Monte Pucci xxx
Torre di Monte Pucci (16e eeuw) ligt nabij het plaatsje Peschici. Vanaf dit punt kun je ver uitkijken over zee. Het was een signaaltoren; die is kleiner dan een verdedigingstoren. Vroeger ging men met de ladder omhoog. De huidige trap lijkt niet echt bij de toren te passen. (Te wit en te hoekig)

12: Torre Varano Grande xxx
Zie 11: Torre Varano Piccola

5: Torre di Porticello xxxxx
Gebouwd in 1568 op een rotsachtige kaap kijkt deze toren ver uit over zee, het strand en de woeste kustlijn. In de directe nabijheid kun je heerlijk wandelen en zwemmen in zee. Op steenworp afstand staat een trabucco; een houten platform dat in de vorige eeuw werd gebruikt om te vissen. Ze is met palen aan de rotsen verbonden. Lange antennes steken veruit over zee en hiermee laten de vissers met behulp van touwen en katrollen hun netten zakken. Trabuco's hebben geen commerciële waarden meer, maar dankzij giften en de beschermde status, worden een aantal onderhouden en gerestaureerd.


13 Torre di Calarossa xxxxx (Linksboven en rechts)
14 Torre Mileto xxxx (linksonder
)

13: Torre Calarossa xxxxx
Deze toren werd gebouwd in 1569 en had goed zicht op de toren Mileto en de Varano torens. 
Op de kaart stond de toren goed aangeduid, maar ik kon, rijdende over de SP41, geen weg er naartoe vinden. De wagen in de berm geparkeerd en bossages ingedoken met een wirwar van dichtgegroeide koeienpaadjes. Telkens takken en stenen neerleggend om uiteindelijk weer de weg terug te kunnen vinden. Uiteindelijk kwam ik aan de woeste kust. Wát een uitzicht en een ruimte! Van de toren restte alleen een ruïne, maar de sfeer van de omgeving was onbeschrijfelijk mooi.
Uiteindelijk bleek dat je mogelijk via de kust, vlak na een haventje, de ruïne al wandelend zou kunnen bereiken. 

14: Torre Mileto xxxx
Torre Mileto werd in de 13e eeuw voor het eerst genoemd, de huidige toren stamt uit de 16e eeuw. Ze is gebouwd op een schiereiland. 
De toren zag er fraai uit en ondanks dat ze gebouwd is op een rots, miste ik hier de wijdsheid en de ruimte voor de natuur. Aan 1 kant staat de bebouwing er bijna tegenaan en er is een parkeerplaats aan de voet van het gebouw.Mogelijk wordt het een bezoekerscentrum van het Gargano National Park.


Roadtrips 

Het nationaal park Gargano staat bekend om haar grote verscheidenheid aan wilde orchideeën. Met enkele vindplaatsen van internet geplukt en een kaart op zak trok ik regelmatig met de auto het binnenland in. Wat een ruimte, vergezichten en schitterende zonsondergangen!

1: Via Santa Maria di Pulsano
Dit weggetje liep vanaf het plaatsje Monte Sant'Angelo en ging door rotsachtige weiden met hier en daar vervallen huisjes. De weg leidde naar een oud katholiek kerkje. Vooral op de berghellingen groeiden veel orchideeën.

linksboven: Vlinderorchis
linksonder: Italiaanse orchis

Vlinderorchis - Anacamptis papilionacea
Een soort uit het Middelandse Zeegebied. Solitaire bijen en wespen schuilen bij regen en kou in de bloemen.

Italiaanse orchis - Orchis italica
Wordt ook wel naakte man orchidee genoemd, omdat de bloem op het lichaam van een naakte man lijkt.


2: Stenen hoogvlakte
Even buiten Monte Sant'Angelo nam ik een afslag van de SS272, een bergweggetje in. Deze kwam uit op een stenen hoogvlakte. In het halfopen landschap van grasland en bossages groeiden veel orchideeën en galmde zachtjes de monotone zang van de hoppen; 'Hoephoep-hoephoephoep'.



De verschillende bergpaadjes rond de stenen hoogvlakte leidden telkens weer naar bloemrijke bossages en orchideeënrijke weiden met prachtige vergezichten. Het gedudeljo van de wielewalen en het geprrr van de bijeneters galmden sprookjesachtig in het hoge dal.


3: Parkeerbocht SP52b
Rijdend op de SP52b richting Foresta Umbra zag ik langs de kant vele orchideeën bloeien. Niet veel verder was er een kleine parkeergelegenheid van waaruit verschillende paadjes het bos in gingen. Zeer de moeite waard om even rond te struinen!



4: SP50 naar Carpino
Ik vervolgde de weg en sloeg de zijweg SP50 in, naar het bergdorpje Carpino en het Meer van Varano. Direct na de afslag groeiden enkele purperorchissen in de berm. De smalle en kronkelige weg vervolgde door bos en veld. Het was een schitterende route, maar orchideeën hoefde je hier niet veel te verwachten; de open vlaktes waren óf te verruigd (bramen, adelaarsvarens ed) óf te intensief begraasd. Vooral in de schemerig was het schitterend om door dit gebied te rijden. De lucht was bezwangerd met het gezang van de nachtegalen en de nachtelijke wolkenpartijen slopen over de bergketen heen, om vervolgens van de helling af te glijden naar het dal. De omgeving in een dichte mist achterlatend.



5: SS272 naar San Marco in Lamis
De SS272 is een weg die grotendeels door een langgerekt dal in een schitterend landschap loopt. De omgeving wordt vooral gekenmerkt door bergweiden. Hier zie je herders met hun honden aan het werk, die de geiten op de uitgestrekte velden te grazen zetten.
Hoewel de rotsige weiden orchideeënrijk aandeden, waren de meeste soorten al uitgebloeid. Ook leek de begrazingsdruk door de vele geiten hier en daar wel erg hoog. Toch was dit in ieder geval beter dan op plekken waar koeien op omrasterde gebieden liepen te grazen. Daar was naast de begrazingsdruk ook de bemesting een boosdoener.




6: SP22 bij San Marco in Lamis
In een speelbos en in de halfopen bergweidjes rond Borgo Celano, groeiden veel orchideeën. Na een bezoekje aan het klooster San Matteo vervolgde ik de weg SP22 tot een pickplaats in het bos en besloot de omgeving te voet te verkennen. Hier liep een versleten asfaltweggetje de bergen in. De grazige hellingen herbergden een ware bloemenzee met geurige kruiden en vele orchideeën.  




7: SP26 bij San Marco in Lamis
Een stukje van de SP26 ingereden en daar zag ik twee hoger gelegen veldjes waar veel orchideeën in bloei stonden.



8: Foresta Umbra
In het bergachtige binnenland van de Gargano groeit veel bos.Foresta Umbra is 104 km2 groot en is het vochtigste gebied van de Gargano. Dit bos bevat vooral eeuwenoude beukenbomen en is onderdeel van het Unesco-Werelderfgoed. 

Ik reed hier regelmatig door om de oostelijke kust te bereiken. Wat een sprookjesachtig bos met enorme woudreuzen waar dikke klimopstammen kronkelend naar de boomtoppen groeiden. Het bladerdak van de beuken zorgde voor een donkere omgeving en de hitte van het klimaat werd gefilterd waardoor het zo'n 6 graden koeler aanvoelde. Hoewel mijn navigatie aangaf dat ik hier 90 km/uur mocht rijden, zou je op de meeste plekken al met 50 km/uur uit de bocht vliegen. Ik had bij het bezoekerscentrum van het nationaal park een plattegrond gekocht en vanaf Rifugio Sfilzi enkele trails gelopen. Hier stuitte ik onder andere op het vogelnestje, het bleek bosvogeltje en een groep wilde zwijnen.


Vogelnestje - Neottia nivus-avis
De naam 'vogelnestje' is te danken aan het nestvormig wortelgestel van deze plant.
Het vogelnestje is een bijzondere orchidee. Ze bezit geen bladgroen en kan dus ook niet haar koolhydraten aanmaken. Ze gedraagt zich als parasiet en is geheel afhankelijk van schimmels (mycorrhiza) die op hun beurt een symbiose aangaan met bomen. De schimmels zorgen dat de bomen genoeg water en mineralen verkrijgen en de bomen leveren de schimmels de benodigde koolhydraten. Het vogelnestje pikt hier via de schimmels een graantje van mee.


Op weg naar huis

Ik besloot om via San Marco in Lamis naar het vliegveld Bari te rijden. Nog even genieten van het uitgestrekte dal met de vele bloemrijke weiden. Een laatste blik op enkele orchideeënvelden. Vervolgens ging de reis over een alternatieve route door het uitgestorven en uitgestrekte binnenland naar Molfetta (zie 10: Torre San Giacomo-strand). Even de benen strekken langs de vloedlijn en dan op naar Bari om de auto in te leveren en het vliegtuig naar huis te pakken. Het was weer een schitterende vakantie!

Torre San Giacomo-strand

Gargano est moins belle

Oei, dat klinkt niet echt positief. De Gargano is écht schitterend: de mooie bergpartijen, de vele pittoreske strandjes, de eeuwenoude dorpjes met hun doolhof aan wegen en paadjes, de enorme woudreuzen van Foresta Umbra, de historische verdedigingstorens en de vele orchideeën in de uitgestrekte velden... echt om van te genieten. De Gargano bevat de hoogste concentratie aan orchideeën van Europa en bevat zo'n 92 soorten. 
Vergeleken met drie jaar geleden waren echter een aantal vindplaatsen verloren gegaan door verruiging en overbegrazing. Intensivering in de landbouw neemt ook hier toe. Waar eerst nog geitenhoeders over de velden struinden, liepen nu koeien op een omrasterd stuk grond, met overbemesting tot gevolg. Op plekken waar nog wel geitenhoeders en schaapherders rond dwaalden, liepen ze soms met zulke grote aantallen dieren dat het gras (en de orchideeën) tot aan de grond waren afgeknaagd. Op de meer afgelegen plekken waar een aantal jaar geleden nog volop orchideeën groeiden, was verruiging en verbossing opgetreden. Natuurlijk waren er nog volop fraaie orchideeënveldjes te vinden en de Gargano is dan ook zeker de moeite waard. Toch zou het voor het gebied een uitkomst zijn om agrarisch natuurbeheer toe te passen, met subsidies voor schapen- en geitenhoeders met kleine kuddes. Zo zal er meer ruimte overblijven voor de orchideeën zonder dat het gebied verruigt.

Vakantie Gargano voorjaar 2017