vrijdag 13 mei 2016

Gambia 3: Tocht door krottenwijk, bezoek aan krokodillenpoel en Gambia Style



Niet op mijn gemak in krottenwijk

We verlieten de vissershaven, staken een asfaltweg over en betraden onaangekondigd de krottenwijk van Bakau. Lamin loodste me kriskras door de smalle, stoffige straatjes vol kuilen en keien, omzoomd met krakkemikkige bouwwerkjes waar mensen in woonden. De penetrante geur van de open riolen voor de huisjes was onbeschrijfelijk en verstikkend. De straten waren vol jongelui en even bekroop me het gevoel dat ik er misschien ingeluisd werd. Ik kende Lamin immers niet echt. Ik kon me niet goed oriënteren welke vluchtroute ik zou kunnen nemen in deze wirwar van weggetjes. Ik liet in ieder geval angstvallig mijn fototoestel in de tas. Wat een opluchting was het dan ook om ineens voor het bos van de krokodillenpoel te staan, midden in de wijk.
 
Tocht door krottenwijk, bezoek aan krokodillenpoel en Gambia Style
Open riool in krottenwijk Bakau
Nieuw huisdiertje aaien
Het verkeer is erg chaotisch


Heilige krokodillenpoel Kachikally

We bezochten eerst het museum, waar Lamin vertelde en attributen liet zien over de geschiedenis van Gambia, de lokale tradities, de oorlogen en de gebruikte muziekinstrumenten. Daarna nam een gids ons mee naar de kleine krokodillenpoel en kon ik een krokodil ‘knuffelen’. De geschiedenis van de poel gaat meer dan 520 jaar terug. Er werden toen twee krokodillen uitgezet en nu leven er meer dan 100 dieren. De plek en de dieren zijn heilig. Vele mensen, zowel Gambianen als toeristen, bezoeken de poel om te genezen van kinderloosheid, om te bidden, om te genezen van allerlei kwaaltjes en natuurlijk ook gewoon voor een bezoekje. De krokodillen worden dagelijks met vis gevoerd en hebben daardoor geen trek in vlees. Soms loopt een krokodil tijdelijk weg en dwaalt door de straatjes van Bakau. Dit wordt dan gezien als een boodschap aan de mensen. Persoonlijk vind ik het heel bijzonder dat, hóe erg de mensen ook te lijden hebben van de honger, de krokodillen hebben niets te vrezen.


Gambia style

We vervolgden onze voettocht door de bewoonde wereld en Lamin nam me mee naar zijn familie in Serekunda. Zij leefden in een aantal bouwvallige en piepkleine huisjes/schuurtjes op een minuscuul en stoffig binnenplaatsje. Lamin deelde zijn huisje met zijn zwager. Het was er donker en er was nét ruimte voor een versleten matras op de grond en een klein tafeltje met twee stoeltjes. Buiten in een hoekje was zijn moeder eten aan het bereiden. Na een social talk met zijn zwager wilde ik wel weer verder, maar Lamin stond erop dat ik eerst zijn 21-jarige zusje zou ontmoeten, die onderweg was. Het drong langzaam tot me door dat men hoopte dat ik een relatie met haar aan zou gaan, om zo weg te kunnen vluchten uit de armoede. Veel Gambiaanse families hopen op deze wijze een betere toekomst te krijgen. Later kreeg ik van Europeanen te horen dat er geregeld (vooral uit Engeland) vrijgezelle mannen en vooral vrouwen naar Gambia komen om een korte of langdurige relatie aan te gaan. En ja, als je oplet zie je geregeld gemengde stelletjes op het strand verschijnen. En heb je al een relatie? In Gambia is dat geen probleem. Volgens de Islam mag een man met vier vrouwen getrouwd zijn. Hoe dan ook, een beetje verbouwereerd bedankte ik voor het aanbod. Na de social talk stond Lamin erop dat hij me met de auto terug zou brengen naar het hotel. Ik stapte in en Lamin stak de sleutel in het contact. Er klonk een hoop gepruttel, er verschenen veel rookwolken, de auto schokte en stootte maar er was geen beweging in te krijgen. De motorkap ging open en ik had weleens een betere inhoud gezien. Er werd een beetje geschud, getrokken, gerommeld, de motor sloeg aan en de zwager gaf de auto een zetje om hem in beweging te krijgen. De motor klonk verre van fraai en de auto ging met horten en stoten vooruit. Lamin moest het gas er vol op blijven houden om het ding enigszins in beweging te houden. En daar gingen we dan, op een kruispunt af. Hahaha ik scheet 7 kleuren! Een paar straatjes verderop gaf ook Lamin de moed op en we lieten de auto achter bij een bevriende garage. Dat had ik mooi overleefd! Met een taxibusje – ritje van ongeveer 1 euro – begaven we ons naar het hotel en nam ik afscheid van Lamin. Hij grapte nog even: this is Gambia style!


woensdag 11 mei 2016

Gambia 2: Ontmoeting met mijn local-broertje Lamin




Op het strand kon mij niet veel gebeuren; alles was goed te overzien, dus via de shortcut liep ik weer naar zee, waar een groepje locals met vereende krachten een sleepnet binnen aan het halen was. Ik werd er meteen bij geroepen om mee te helpen. Het leek me dé manier om ze zo beter te leren kennen en al gauw hing ik ook in de touwen. Ik raakte in gesprek met medevisser Lamin, een 31 jarige local. (Elke eerst geboren zoon wordt in Gambia Lamin genoemd.) Toen ik vertelde welke bestemmingen ik deze vakantie aan wilde doen, stelde hij voor om me na het vissen te begeleiden via een wandeling over het strand, naar mijn eerste sightseeing; de krokodillenpoel in Bakau. Dat schonk vertrouwen. Na een lange tocht met deels klauterwerk bereikten we de vissershaven van het stadje. Dagelijks komen de vissers tegen vijven de haven binnen om de vis aan land te brengen en te verkopen aan de plaatselijke bevolking. De honden en de vogels deden zich tegoed aan het visafval. Lamin vertelde me dat de meeste honden die op de stranden liepen geen baasje hadden. Volgens hem waren de honden oorspronkelijk afkomstig van toeristen die ze achter hebben gelaten. Ze worden gevoerd door hotelgasten en vissers.



Ontmoeting met mijn local-broertje Lamin
Wachtend op de vers gebakken vis in Bakau,
de vis is net aan land en de vogels genieten mee


Gambia 1: Predatoren hebben vers vlees: ik stond op het menu






Maandagavond 2 mei landde het vliegtuig van Tui op de luchthaven van Banjul, de hoofdstad van Gambia. De transfer, een bus die verschillende hotels aandeed, bracht me naar het hotel; Sunset Beach in Kotu. ’s Ochtends vroeg wilde ik een rondwandeling maken om de omgeving te verkennen. Het hotel was gelegen vlak aan zee, tegen de monding van de Kotu-Creek. Een kreek omzoomd door mangrove, dus de ideale plek om vogels te kijken. Het was me al opgevallen dat het hotel – zoals alle hotels in Gambia – veel jonge beveiligers had rondlopen om de boel in de gaten te houden. Wat stond me buiten de poort te wachten??? Via een shortcut naar zee liep ik naar de kreek. Boven het water toonden een aantal bonte ijsvogels hun acrobatische vliegkunsten en ook lieten de eerste kapgieren zich zien, die zich tegoed deden aan een maaltje verrotte vis. Via het Palm Beach hotel belandde ik op de gewone weg. Meteen werd ik al aangehouden door de lokale taxichauffeur Happy Dad, een oudere, goedgemutste man die me wel tegen betaling rond wilde rijden en vogels wilde laten zien. Ik vertelde nog eerst even zelf rond te willen snuffelen en liep over de Kotu Bridge. De ene na de andere man liep telkens op me af en hield me aan. Het waren locals, die zich verschanst hadden langs de weg. Het leek als een vriendelijke begroeting, met een handshake, maar het werd telkens wat opdringerig en het kwam erop neer om even mee te lopen om wat te kopen of om geld te geven om rond te kunnen komen. Het gaf me een onveilig gevoel, alsof predatoren zaten te wachten op vers vlees en dat vlees was ik! Mijn wereld voelde ineens heel klein en ik koos het hazenpad naar het hotel. Het leek me het verstandigst om niet meer alleen op pad te gaan. Maar ik kende nog niemand, op Happy Dad na!

Predatoren hebben vers vlees: ik stond op het menu
Sunset Beach hotel is gelegen aan de Kotu Creek
Predatoren hebben vers vlees: Ik stond op het menu!



Gambia: Vanaf morgen geen eten meer...








Inleiding:

Onlangs een weekje vakantie gevierd in Gambia. Het doel was voornamelijk natuur(fotografie) en strand. Natuurlijk heb ik echt genoten. Elke vogel die om een hoekje kwam gluren was een nieuwe soort voor mij en dat waren er véél en wat is het er mooi! Het waren echter niet de vogels die de meeste indruk hebben gemaakt. Het was de bevolking, de armoede, de overleving. Hoe arm??? De laatste vakantiedag was ik immuun geworden van het zoveelste verhaal van een jonge man die op het strand op mij af kwam lopen om wat te verkopen of om geld te vragen… ik luisterde niet meer. Ik moest me klaar maken voor het eten en het vertrek met het vliegtuig, wenste hem een goede dag en liep weg. Mijn local broertje, die ik net geld had gegeven om voor zijn familie rijst te kunnen kopen om te kunnen eten en te verbouwen, draaide zich om en gaf 10 Dalasi weg. (21 eurocent.) De man zat nog steeds op zijn knieën voor zijn zelfgemaakte houtsnijwerk, die hij tóch voor me had uitgestald en staarde wezenloos en moedeloos voor zich uit... die blik… We liepen weg en even later vertelde mijn broertje dat hij wél het verhaal had aangehoord. De jonge man had niets kunnen verkopen en had geen geld meer om nog maar iets te eten te kopen. En daar zou, nu het toeristenseizoen afliep, voorlopig ook geen verandering in komen… Mijn maag draaide bijna om en ik stond weer met beide benen op de grond… Dát is de Gambia die op mij de grootste indruk heeft achter gelaten… Dat is hét verhaal wat ik hier eerst wil vertellen…
Een verhaal over armoe, maar ook over vreugde, vriendschap en respect voor elkaar.


Inleiding: Vanaf morgen geen eten meer
Gambia; een land van heilige krokodillen, 
armoede en van respect voor elkaar





donderdag 28 april 2016

Blauwe Anemoon; bijzonder verschijning


Half weggedoken tussen de bosanemonen en het voorjaarshelmkruid steken tientallen plantjes hun stralende en paarsblauwe kopjes op. Het is de blauwe anemoon – Anemone apennina. Oorspronkelijk komt deze voorjaarsbloeier uit Zuid-Europa, maar werd in 1575 al in Nederland als tuinplant gekweekt. In 1827 is ze voor het eerst in het wild verzameld. Toch is de blauwe anemoon in Nederland een zeer zeldzame verschijning. Ze behoort tot de Nederlandse stinzenflora; voornamelijk bolgewassen die vroeger op buitenplaatsen werden aangeplant om de tuin te verfraaien. In Nederland is ze vooral te vinden op buitenplaatsen langs de binnenduinrand, langs de Utrechtse Vecht en in Friesland.

Blauwe anemoon - Anemone apennina



maandag 18 april 2016

Vossen in de duinen

Regelmatig gaan we met het Landschap Onderhoud Project zwerfvuil ruimen in de duinen tussen Katwijk en Wassenaar. Eén van de vele bewoners die we dan regelmatig tegenkomen is de vos. In de 15e eeuw werd deze harige viervoeter in de duinen uitgeroeid en het heeft tot 1968 geduurd voordat ze weer langs de kust rondscharrelde. De vos is echt een alleseter. Naast hazen, konijnen, vogels en insecten is ze ook gek op fruit en afval. Niet voor niets struinen vossen in de schemering graag de stranden af en snuffelen ze rond de strandtenten. Tijdens onze zwerfvuilrondes ging er al eens een vos vandoor met een werkhandschoen, maar na er uitgebreid op gekauwd te hebben, liet ze het vod links liggen, trok ze een vies gezicht en koos ze het hazenpad.


Vos Landschap Onderhoud Project



donderdag 31 maart 2016

Ommetje Nieuwersluis


Loenen aan de Vecht



Het Ommetje Nieuwersluis is een gemarkeerde wandelroute van 7 km langs fraaie buitenplaatsen langs de Vecht.



Startpunt: Parkeerplaats aan de Molendijk; Loenen aan de Vecht.

Extra achtergrondinformatie wat je o.a. op de route tegenkomt is hier te vinden.




De wandeling

Bij de parkeerplaats te Loenen aan de Vecht zie je de fraaie korenmolen De Hoop al op afstand liggen. Op steenworp afstand prijkt onder andere de buitenplaats Beek en Hof. Hier zie je langs de Vecht verschillende overtuinen waar volop stinzenplanten in bloei stonden. IJsvogeltjes scheerden luid piepend achter elkaar aan laag over het water. En dat midden in het dorp! De weg vervolgt zich over een oud jaagpad of trekpad, waar schepen vroeger voort werden getrokken. Diverse buitenhuizen sieren langs de Vecht, zoals het monumentale witte huis van buitenplaats Nieuwerhoek. Hier ben ik wat van de wandelroute afgeweken door onder andere een blik op buitenplaats Vreedenhoff te kunnen werpen. De route gaat verder langs onder meer fort Nieuwersluis, de Koning Willem III kazerne en buitenplaats Bijdorp. Al met al een bijzonder ommetje met een mooi zicht op de geschiedenis van een stukje Nederland.


Loenen aan de Vecht
Links: Zicht langs enkele Vechttuinen op korenmolen De Hoop
Rechts: Mooie leivorm van blauwe regen
Onder: Buitenplaats Vreedenhoff
Achtergrond: Buitenplaats Nieuwerhoek 

Blik op drie fraaie koepeltjes tijdens het ommetje:
links: Buitenplaats Oud over
Rechts: Buitenplaats Vegtlust
Onder: Buitenplaats Vreedenhoff

Stinzenplanten ommetje Nieuwersluis
Enkele stinzenplanten op de buitenplaatsen:
Links: Witte vorm van vroege sterhyacint (Scilla bifolia)
Rechtsboven: Kleine sneeuwroem (Scilla sardensis)
Rechtsonder: Voorjaarshelmbloem (Corydalis solida)











zondag 20 maart 2016

Wandelen door uniek zoetwatergetijdengebied


Rhoon





wilgenakker
Wilgenakker in de Rhoonse Grienden

Op steenworp afstand van Rotterdam ligt een bijzonder zoetwatergetijdengebied De Rhoonse Grienden. Samen met de gebieden Klein Profijt en de Carnisse Grienden vormen ze een uniek gebied, wat oorspronkelijk is ingericht voor het winnen van wilgentenen. Honderden knotwilgjes staan op akkers met daar tussenin greppels. Er lopen door het gebied wat hoger liggende paden (laningen) met hogere knotbomen. Deze bomen moesten bij vloed het ergste vuil tegenhouden. Een aantal breder en dieper gegraven slootjes, de zwetsloten, dienden en deels nog dienen voor afvoer van de wilgentenen per boot. (Zwet = platte schuit voor afvoer griendhout en riet) De gebieden lopen nog steeds twee keer per dag onderwater.Via de greppeltjes kan het water de akkers overstromen. Als het water langzaam weer zakt, blijft er een dun laagje slik over; de voedingsstoffen voor de wilgjes.
In het gebied staan bijzondere planten zoals spindotters (bijzondere vorm van dotterbloem) en zomerklokje. Beide soorten zijn goed aangepast aan de waterstandswisselingen.


zoetwatergetijdengebied
Fraai zoetwatergetijdengebied
Elk jaargetijde maakt het gebied bijzonder om te bezoeken, maar in het voorjaar, rond mei,staan de spindotters in volle bloei. Let ook op de vele plantjes die in de knotwilgen zelf zijn gaan groeien.


planten in wilgen
Diverse plantjes groeien in de knotwilgen

waardering wandelroute Rhoonse Grienden





woensdag 16 maart 2016

Vechtroute; Rondje Nieuwersluis - Breukelen


Als er iets aan het voorjaar doet denken, zijn het wel de vroegbloeiende stinzenplanten op de buitenplaatsen. Dit zijn veelal bolgewasjes die vroeger uit het buitenland werden gehaald om het landgoed te verfraaien en om de omgeving te laten zien hoe vermogend je wel niet was. (Veel bollen waren vroeger duurder dan goud.) Tijd om eens de Vechtroute; Rondje Nieuwersluis - Breukelen te lopen. De officiële route is 4,5 km lang, maar de route kan makkelijk uitgebreid worden door onder andere een aantal grote overtuinen, die bij enkele buitenplaatsen horen, te bezoeken.


Loenersloot

Voordat we aan de wandelroute begonnen, deden we landgoed Loenersloot aan. Een korte wandeling over het 18e en 19e eeuwse park voert langs diverse bruggetjes, schuilbunkers uit de 2e wereldoorlog waar nu zo'n 7 soorten vleermuizen in huizen en geeft een blik op het theekoepeltje uit omstreeks 1715 van de buitenplaats Valk en Heining.

Landgoed Loenersloot en koepel van Valk en Heining
Landgoed Loenersloot en koepel van Valk en Heining

Rupelmonde

De wandelroute begint bij het dorpje Nieuwersluis en passeert onder andere fort Nieuwersluis. Eén van de eerste buitenplaatsen langs de route is Rupelmonde; het huidige landhuis stamt uit 1768. De buitenplaats is vernoemd naar het plaatsje Rupelmonde in België. 

Buitenplaats Rupelmonde
Buitenplaats Rupelmonde

Sterreschans

Na de Franse plunderingen in de gemeente Utrecht in 1672 werden op de grens tussen Zuid Holland en Utrecht verschillende schansen gebouwd ter verdediging. Na het wijken van het oorlogsgevaar werd er na 1688 op 1 van de schansen de buitenplaats Sterreschans gesticht. De theekoepel aan het water stamt uit omstreeks 1920. Op de buitenplaats stond de bonte krokus volop in bloei. De bijbehorende overtuin, een landschapspark, is vrij toegankelijk.

Landgoed Sterreschans
Velden vol bonte krokussen op Sterreschans

Over-Holland

Vroeger behoorde het stukje grond waar het huis op werd gebouwd tot Noord-Holland, terwijl de rest van de oeverwallen (en de buitenplaatsen) tot Utrecht behoorde. De buitenplaats Over-Holland is in 1676 opgericht en heeft een fraaie overtuin.

Buitenplaats Over-Holland
Massale bloei van sneeuwklokjes op Over-Holland 

Ridderhofstad Gunterstein

In het plaatsje Breukelen, aan de overkant van de Vecht, ligt landgoed Gunterstein.
Het eerste kasteel werd omstreeks 1300 gebouwd.  In 1508 veroverden Bourgondiërs het huis. In 1511 werd het kasteel door de Utrechtenaren ingenomen en gesloopt. In 1518 verrees er een nieuw kasteel en in 1539 werd Gunterstein erkend als Ridderhofstad. Na de Franse belegering staken de Fransen in 1673 Gunterstein in brand. Na aankoop van de ruïne in 1680 prijkte er echter alweer snel een nieuw kasteel; het huidige Gunterstein. Het landgoed is 115 ha groot en deels opengesteld.

Gunterstein
3e kasteel Gunterstein


Leeuwenburg

Op weg naar huis reden we langs landgoed Leeuwenburg te Maarsen. Ook hier bloeiden krokussen massaal.

Landgoed Leeuwenburg
Leeuwenburg bestaat uit 2 aan elkaar gebouwde huizen


Waardering wandelroute Rondje Nieuwersluis - Breukelen




maandag 14 maart 2016

Groot sneeuwklokje langs de vecht


Tijdens een wandeltocht langs diverse buitenplaatsen aan de Vecht bij Breukelen stuitte ik op een aantal groeiplaatsen van een bijzonder sneeuwklokje; mogelijk is het het groot sneeuwklokje. In dit geval de Galanthus elwesii var. elwesii. Deze stinzenplant komt oorspronkelijk uit zuidoost-Europa (, o.a. Turkije) en werd in 1941 voor het eerst in Nederland aangetroffen op een landgoed in Wassenaar. Normaal gesproken blijft de soort na aanplant altijd keurig in pollen groeien omdat ze zich moeilijk in de natuur in ons land uitzaait. Tóch lijkt het erop dat de soort (mits het de elwesii is!) zich langs de Vecht wel uitzaait en een natuurlijker ogende groeiwijze laat zien. Het groot sneeuwklokje is meer dan 20 cm hoog. Op deze vindplaatsen haalde de soort dat niet.


Groot sneeuwklokje - Galanthus elwesii var. elwesii
Groot sneeuwklokje - Galanthus elwesii var. elwesii


Groot sneeuwklokje - Galanthus elwesii var. elwesii
Zaailingen en nauwelijks grote pollen